Tjeenk
WikimediaCommons
 
Ten einde raad besloot men hem te bellen
Je denkt: zo’n man is toch verleden tijd
En ook zijn jaren gaan nu echt wel tellen
 
Er is natuurlijk veel dat vòòr hem pleit
Niet velen worden zo gerespecteerd
Klaarblijkelijk wil men hem nog niet kwijt
 
Weet u wel hoe vaak hij heeft geformeerd?
Ik zie wel in, de man heeft veel ervaring
Laat ons maar zien wat hij straks produceert
 
Laverend langs een kamer vol frustratie
Integer formuleert hij zijn verklaring
Na alle ruzies toch een openbaring
Komt hij er uit, verdient hij een ovatie
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De Haper



De Haper kan niet slapen,
zijn denkschuif wil niet dicht.
Zijn vliegwiel blijft maar draaien,
wat o zo lastig ligt.

‘O was ik maar een kater,
een doedier zonder dacht!
Dan volgde ik mijn snorren
en joeg de hele nacht.’

De Haper ligt te malen,
wak staart hij in het donk.
Er kruipen kriebelmieren
door zijn gedachtenkronk.

‘O was ik maar een gaper
die omviel van de slaap!
Helaas, ik ben een Haper,
ik haap.’