bartnr2
Foto: Tessa Schmittmann
 
Ik ken een landje aan de zee
Het leven is er fijn
Baas Mark heerst met
Blijmoedigheid
Vanaf een statig plein
 
Heeft Mark een keer iets fout gedaan
(Ja, zoiets kan altijd)
Dan heeft hij geen
Herinnering 
Aan wat men hem verwijt
 
Hij maakt excuus, heel nederig,
En met een brede lach
Gaat dan Baas Mark
Onaangedaan
Weer vlijtig aan de slag
 
Ooit stond kwajongen Pieter op
Die bleef hem tegenstreven
Dus Mark wou hem
Onmiddellijk 
Een functie elders geven
 
Eens per vier jaar mag heel het volk
Baas Mark gaan adviseren
Men stemt dan bij
Verkiezingen 
Wie Mark mag assisteren 
 
Ook dit jaar won Mark, echter, Blonde
Sigrid stribbelt tegen
Ze sprak Mark toe,
Meedogenloos,
‘Hier scheiden onze wegen!’
 
‘Da’s ferme taal,’ schrikt Mark beduusd 
Maar hij herpakt zich gauw
Hij droomt van een
Bordesscene
Met deze blonde vrouw
 
Toch heerst sindsdien tot ieders spijt
Verdeeldheid aan de top
Wie helpt met een
Formatieplan 
Baas Mark er bovenop?
 
Toen ik het bovenstaande schreef
Was het nog ongewis
Of nu, op de
Finaledag,
Er iets veranderd is
 
Ja, Bovenmeester Johan kwam,
Een echte oude rot,
Trok ondanks zijn
Beneveldheid
De hele boel weer vlot
 
En nu schrijft dus het oude team
Een nieuw regeerakkoord
Baas Mark belooft
Vernieuwingen
En heerst blijmoedig voort
 
 
Bart Adjudant werd tweede bij het Nederlands Kampioenschap Light Verse 2021.
Bovenstaand gedicht vormde een van zijn ingezonden gedichten.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Drie Carrolladen



Hij dacht dat hij een eekhoorn zag
Die knaagde op een pen.
Hij keek wat beter en het bleek
Jan-Willem van der Ven.
‘Een proefrit kan altijd’, zei hij,
‘In deze Citroën.’

Hij dacht dat hij een zwabber zag
Die zweefde naar de zon.
Hij keek wat beter en het bleek
Een grieperige non.
‘Buut vrij, jij bent hem!’ brulde hij
En dook van het balkon.

Hij dacht dat hij drie beren zag
Die klunsden met een krik.
Hij keek wat beter en het bleek
Een bakker met de hik.
‘Boe!’ zei hij. ‘Drie kadetjes en
Een halve krentenmik.’