Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

lichtvoetigIII
 
 
Vrijdagmiddagborrel
 
Hij zag haar met een kennersblik: een leuke, jonge griet
op vrijdagmiddag, uur of zes, zijn tong stroef van sulfiet.
De kruk – nog vrij? – naast deze prooi bood hem zijn jachtgebied.
Tot kwart voor zeven duurde het: “Mijn vrouw begrijpt me niet”.
 
Ze keek tot in zijn zwarte ziel, haar ogen hemelsblauw
en luisterde naar het tekort van zijn absente vrouw.
Zijn hand inmiddels achteloos bewegend op haar mouw
vlak naast haar warme borst, één vinger streelde die heel flauw.
 
Het leek erop of deze schat, door alcohol verleid,
hem in haar armen troosten zou, tot minnespel bereid.
Toen hoorde hij haar zeggen: “Hoe  een man zijn vrouw verwijt
dat zij niets van hem snapt, dat ken ik zeker tot mijn spijt.
 
Want nooit als zij erbij is, maar in haar afwezigheid,
wanneer hij vreemdgaat heeft mijn vader ook die smoes. Altijd.”
 
 
De komende tijd zullen we af en toe - met instemming van de auteur uiteraard - een gedicht plaatsen uit 'Lichtvoetig III'. Deze fraaie zevenvoeter is van Hannelly Krutwagen.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Een jaar geleden al weer



Als welkom voor de vluchtelingen  en ter overpeinzing vandaag aandacht voor het Syrische light verse.
De Syrische dichter Aboe l-Alaa al Ma'arri verwierf faam in de elfde eeuw met zijn streng-metrische gedichten, vol woordspelingen, waarin hij het zichzelf extra moeilijk maakte met dubbelrijm. Hij gaf zijn hoofdwerk dan ook hierom de titel, die het motto van alle plezierdichters is: Uit vrije dwang.
Geen wonder dat moslimextremisten in 2008 zijn standbeeld in zijn geboorteplaats Ma'arri opbliezen.




Koran of Evangelie of Thora:
Die leugenhandel leer je van je pa
Het gaat maar door; waar blijft de generatie
Die ópstaat, fier de waarheid achterna?



De joden, moslims, christenen, zij dwalen
Twee mensensoorten laten zich bepalen
De denkers, die niet malen om geloof
En diepgelovigen, die énkel malen

(Vertaling Jaap van den Born en Pieter Smoor)