Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

   
Op de Dam van Amsterdam
Staat een poppenkast
Weten jullie, jongens, meisjes,
Hoeveel daar ligt opgetast?

Naast een enkel aandeel slechts een
Jaaruitkering, vijf miljoen
Klein miljardje als reserve
En daar moet ze ’t maar mee doen

Op de Dam van Amsterdam
Staat een poppenkast
Weten jullie, jongens, meisjes,
Hoeveel daar niet wordt belast?

Niet het rendementsvermogen
Niet de auto of het loon
Niet een schenking of successie
Rijksbelasting? Niet de kroon

Op de Dam van Amsterdam
Staat een poppenkast
Weten jullie, jongens, meisjes:
Hoe is daar de zondelast?

Om een vage vliegtuigorder?
Om een huis in Mozambique?
Om een brievenbus op Guernsey?
Is dit soms een republiek?

Op de Dam van Amsterdam
Staat een poppenkast
Weten jullie, jongens, meisjes,
Wie er op de poppen past?

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Zomer




De zomer is voor mij een rampseizoen
Men kent mij als fervente zonnehater
Ik mijd de kwellingen van strand en water
Zelfs van terrasweer raak ik uit mijn doen

Zo loop ik al sinds juli met een kater
(Cadeautje van het tropenweer van toen)
Een flirt met jou, ik was nog weerloos groen
Bleek tot mijn schrik een levensgrote flater

Eer ik het doorhad, woonden wij al samen
Waarna mijn ramp zich snel voltrekken zou
Al zul jij slechts het tegendeel beamen

Ik ben,' zeg jij, 'een zonnetje voor jou,'
Je kunt jezelf niet treffender benamen:
Mijn god, wat haak ik weer naar mist en kou!