Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Pornografische tearjerker in drie sonnetten 

II Goede raad

‘Ik zou niet kijken’, zei mijn psychiater –
Groot kenner van de menselijke ziel –
‘want u, als kroonprinsminnend homofiel,
Zit straks met een verschrikkelijke kater.’ 

Mijn psychiater is een vlotte prater,
Maar Alexander heeft zo’n sex-appeal
Dat ik dwangmatig voor de beeldbuis kniel.
Misschien zal mij dat nog berouwen, later.
 
Want liefde spoedt zich als een schaduw heen
Of blijkt een zinsbegoocheling, een dwaling.
Wij hebben voor een uur elkaar te leen,
En tranen zijn de bitt’re afbetaling

Van al wat onherroepelijk verdween –
Al kijk ik straks geheid naar de herhaling.


(uit: Zo klinkt dus weggesmeten geld, uitgeverij Mouria)
Morgen deel II

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Moeder (Utrechts sonnet 10 )



Een femme fatale die geen gevolgen vreest,
Zo gaat mijn moeder soms op mannenjacht
Als vader slaapt gelijk een rustig beest
En in zijn droom herkauwt en zalig lacht.

Als vader slaapt gelijk een rustig beest
Duikt ma vol hartstocht onder in de nacht,
Dan is haar leven eindelijk een feest
Waarop ze alweer weken heeft gewacht.

Dan is haar leven eindelijk een feest
Totdat ze ’s morgens vroeg wordt thuis gebracht
Als vader slaapt gelijk een rustig beest
En in zijn droom herkauwt en zalig lacht

Een droom waarin zijn buurvrouw hem verleidt
Maar dat vertelt hij mooi niet aan ’t ontbijt.


Regel 3 en 4 zijn de eerste twee versregels uit "Moeder" van Willem Elsschot

Bundels