Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



We zitten met een bordje op de bank
En kijken naar een culinaire strijd
Men zucht en zweet; we zien hoe ieder lijdt
Men knipt en kneedt, men hakt en roert en snijdt
De verse kruiden met een drupje drank

Mijn keuken staat ook vol met dit soort zaken
Voor elk recept heb ik een apparaat
Ik heb de scherpste messen van de straat
En kan de gekste streekgerechten maken

De crème brûlée staat weer eens zwart te roken
Mijn zóveelste soufflé is ingezakt;
De deksel van mijn Le Creuset gebroken

Geef mij maar stamppot met een bal gehakt
Een kuiltje voor de jus: heel Holland prakt

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De ziel

Misschien was ’t iets als lurven. Echt, verzonnen?
Je zieltje hoorde blank te zijn en rein.
Soms kreeg ik op mijn ziel en deed die pijn.
Maar wat het ding was, zag ik bij de nonnen.

De kleine catechismus was hun bron en
de illustraties legden ’t uit, haarfijn:
de ziel bleek een soort pannenkoek te zijn.
De staat der ziel werd verder uitgesponnen.

Men zag drie zielen ofwel pannenkoeken.
De eerste blank, de tweede was geschroeid
met dagelijkse zonden: jokken, vloeken.

Maar nummer drie zou bij een tafelronde
met weerzin zijn geweigerd en verfoeid:
een groot zwart gat in ’t midden. Echt doodzonde.
 

Bundels