Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



De geur van koffie aan het Haelens beekje
Mijn lief en ik kampeerden er een weekje
Een molen en een kerk, zo fraai gelegen

We zagen herten en een everzwijn
Ach, 's ochtends viel er wel een buitje regen
Een béétje trekker kan daar toch wel tegen

Het water steeg, de bedjes werden nat
De onrust werd gesust met flessen wijn
Maar knaagde aan 't idyllisch samenzijn

Mijn meisje nam de bus naar Appelscha
Sindsdien koerst onze liefde op vals plat
Ik heb het in dit Limland wel gehad

Als ik ooit weer een keer kamperen ga
Zet ik mijn tent op aan de Drentsche Aa

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Dubbele moraal 3






Na de dood gaan we naar de hemel

Ooit eindigt al dit ondermaans gewemel
Maar na de dood staan we niet buitenspel
Dan gaat de brave christen naar de hemel
Waar enkel taart gegeten wordt van Demel*
En vindt u dat maar klets en vroom gefemel
Dan moet u eeuwig branden in de hel

Openb. 7:9: 'Hierna zag ik dit: een onafzienbare menigte die niet te tellen was, uit alle landen en alle volken, van elke stam en elke taal. In het wit gekleed en met palmtakken in de hand stonden ze voor de troon en voor het lam.'


Na de dood is het afgelopen

Hoe zinloos is uw drukte en gewemel!
Het leven is een doelloos schimmenspel
Eenieder sterft en eeuwig zwijgt de hemel
Geniet dus maar en ga een keer naar Demel
Trek u niets aan van slap en vroom gefemel:
Er is geen hemel en er is geen hel

Pred. 9:4-6: 'Voor wie nog leven mag, is er nog hoop; beter een levende hond dan een dode leeuw. Wie nog in leven zijn, weten tenminste dat ze moeten sterven, maar de doden weten niets. Er is niets meer dat hen loont, want ze zijn vergeten.' 


* Wereldberoemde taartjeszaak in Wenen

Koop koop koop