Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij

Onderwerp: Smartlap

Smartlap 24 aug 2017 11:01 #1

Het mooie van de Weense ballade is het vierlettergrepige deel dat vier keer voorkomt. Ik zoek nog steeds een begrip dat vier verschillende betekenissen heeft. Ik heb iets gevonden met drie betekenissen. Wie biedt meer?

Smartlap

Geen mens wil zo’n scenario verzinnen
Mijn levensloop
Er valt beslist geen Oscar mee te winnen
Mijn levensloop
Geen wonder dat het medicijn
Als troost tegen geboren zijn
In goed gevulde glazen binnen
Mijn leven sloop

Zodat ik nu met liters wijn
Mijn leven sloop
Laatst bewerkt: 24 aug 2017 16:35 door Otto van Gelder.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

Smartlap 24 aug 2017 17:45 #2

  • Bas Boekelo
  • Bas Boekelo's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 4067
  • Ontvangen bedankjes 1048
De Tripel draait om één woord met drie betekenissen ( Remko Koplamp schreef er één met zes betekenissen ), dus een zin in meerdere betekenissen is moeilijker. Ik val wel over het enjambement omdat ik dat ontzettend lelijk vind;
In goed gevulde glazen binnen
Mijn leven sloop


Overigens heb ik nooit de grap begrepen van de Weense ballade
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Bedankt door: Otto van Gelder
Tijd voor maken pagina: 0.226 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Waar? (2017)



Dichters, we lezen ze met droge ogen:
Een Vegter, Nolens, Benders, Oosterhoff.
Waar zijn de tijden van het hartebloed?
De zielepijn, de traan en dat soort werk.
Waar de gezangen van het mededogen?
Verweij, Van Deyssel, Gorter, Kloos of Perk?
De litanieën, waar? Voorbij. Voorgoed.
Een zakdoek vangt vandaag nog enkel stof.

Het bloed werd gruis. De tranen werden glas.
Verlies en stukgaan voelt nu tweedehands.
Het leed werd leed van bordkarton. Te koop.
Deels nog als dagboeksmart. Van droefenis
Kwam grimas , gil en wrede pijn. En masse
Verdoezelt men nu weemoed en gemis.
Per stuk, zoals je wil. Azijn werd stroop.
En Pfeijffer: Dichter nu des Vaderlands.

De dichter, heden, is een zonderling
Die weeklaagt in een martelend gekrijs.
Hij hangt de paljas uit voor zijn publiek
En speelt voor praktiserend psychiater.
Wat blijft: bezetenheid om één, één ding
Terwijl hij lamenteert in het theater.
De wonden die hij likt. En de muziek
Die klinkt bij het aanvaarden van een prijs.