Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij

Onderwerp: De Eerste Wind

De Eerste Wind 30 aug 2017 06:59 #1

DE EERSTE WIND

haar wind woei al zijn posters van de muren
daar kon geen dekbed iets aan doen
waar een wind was, bleek een weg
de eerste smet op haar blazoen

naast haar lag hij doof te wezen
helaas voor hem wel net alsof
bij z’n ouders wezen eten
van zijn moeder niets dan lof

hij vloekte zachtjes in zijn kussen
zodat ze wist ze was gehoord
elk organisme in de kamer
en de onschuld was vermoord

nog in de wittebroodsweken
nu van een heel ander elan
had ze zich een weg gewind
van verliefd naar houden van
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

De Eerste Wind 31 aug 2017 17:48 #2

  • Bas Boekelo
  • Bas Boekelo's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 4027
  • Ontvangen bedankjes 1017
Beste Jules, je gebruikt twee versvoeten door elkaar, dat laat zich lastig lezen. Het woord 'wittebroodsweken' past niet in een tweevoudig metrum. Het gebroken rijm is gemakzucht. Alle regels tellen zeven lettergrepen, uitgezonderd de eerste regel.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.

De Eerste Wind 13 sept 2017 18:05 #3

  • Niels Blomberg
  • Niels Blomberg's Profielfoto
  • Offline
  • Forumgod
  • Berichten: 1519
  • Ontvangen bedankjes 772
elan/van rijmt niet.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Tijd voor maken pagina: 0.141 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De glimworm en de pad

Dag jongens en meisjes, laatst kwam ik een aardig werkje tegen van Jacob van Lennep en daar heb ik een antwoord bij geschreven.
Het origineel is uit: Vertalingen en navolgingen in poezy (1884)

DE GLIMWORM EN DE PAD
Een fabelVonk'lend door het loverduister,
Zelf onkundig van haar luister,
Licht-ster van de klavergrond,
Doolde een glimworm in het rond.
Uit het zwabbrig slijm gekropen,
Stort een pad, met vuil bedropen,
Op die fel gehate schijn
't Onweerstaanbaar moordvenijn.
‘Waarom doodt in arren moede,
Waarom doodt mij uwe woede,
Daar 'k u nooit beledigd had?’
‘Waarom licht gij?" bromt de pad.


DE GLIMWORM EN DE PAD
Een antwoord

Stinkend uit de diepste poelen
Onbewust van diep bedoelen
Slijmrig en van binnen goor
Sprong een pad de tuinpoort door.
Hij had juist met volle longen
Kworkend luid zijn lied gezongen;
Wordt zijn vel in twee gespleten
Door een glimworm aangevreten.
‘Kleine glimworm waarom bijt ge
Vleesbedervend giftig zijt ge
Mij de kikkerbillen blauw?’
‘Lieve pad, ik lust je rauw!’



ill: Baron van Hippelepip(1917)–Mien Visser-Düker