We konden hem probleemloos attraperen.
Het was die zonderlinge zoon van Aart.
Omdat hij niet alleen op pa wou teren
en hem op Vaderdag weleens wou eren
stal hij zo’n mooie grote perentaart.
Het schorem dat de dood heeft afgeschoten Stampt met zijn botte laarzen door het kwaad Een zwarte hel waarvoor geen woord bestaat En plundert met zijn grauwe grove poten
Bezoedelt tere koffers lieve tassen En zal die klauwen straks in onschuld wassen.