Welkom, Gasten
Gebruikersnaam: Wachtwoord: Onthoud mij

Onderwerp: Carollade

Carollade 14 feb 2010 13:33 #1

Hij dag dat hij een Schoonheid zag
Daar in de maneschijn.
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een oude sjaggerijn.
“O God!”, riep hij en wendt zich af,
“Dit is beslist geen gein.”

Hij dacht dat hij een Vrome zag,
Daar naast zich in de kerk.
Maar toen hij weer keek was het slechts
Een stukje duivelswerk:
“t Is maar”, zei hij “Uit zestien tien
Een blauw-hardstenen zerk”.

Hij dacht dat hij een Wijze zag,
Een wijsgeer voor zijn hart.
Maar toen hij weer keek was het slechts
De domheid, zeer benard.
Hij riep: “Dit is het ook al niet,
Val dood nu voor mijn part!”

Hij dacht dat hij zich zelve kent
(Hij is al vijftig jaar).
Maar toen hij weer keek zag hij slechts
Een domme oude vent.
Hij zei: “Ik ga geen kant meer uit,
‘k Blijf zitten op mijn krent”.
Alleen ingelogde leden kunnen reageren.
Tijd voor maken pagina: 0.107 seconden

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Sinus & Co

Twee grinnikende en gespierde knapen,
Die zij aan zij de toegangspoort blokkeerden
Der wetenschap; mijn leraren beweerden
Gewoonlijk dat ik altijd zat te slapen.

Wat wisten zij van die twee valse apen,
Die onvermoeid mijn hersenen frustreerden;
Mijn proefwerken krachtdadig molesteerden?
Ze leken door de duivel zelf geschapen.

Als Cosinus en Sinus niet bestonden,
Dan was ik nu een Doctor of een Dra.
Dan had ik wél het buskruit uitgevonden.

Vaak denk ik (en vandaar dat ik besta):
“Wat waren jullie toch voor vuile honden?”
Maar nooit komt het verlossende “Aha!”