Mijn leeftijd wordt zo zoetjes aan een straf
En brengt me van de drup in koude regen
Het lichaam takelt onrustbarend af
En uit mijn mond en oksels stinkt het laf
Ook heb ik ouderdomseczeem gekregen
 
Ik kan me slechts per looprek voortbewegen
Sinds ik heb moeten scheiden van mijn Daf
Een goed glas bier, ik kan er niet meer tegen:
Mijn blaas die ik beschamend vaak moet legen
Is erger dan een lekkende karaf
 
Mijn vrouw houdt haar verbale knuppel klaar
Want zij heeft van mijn kwaal de meeste last
Dus, heb ik weer eens naast de pot geplast
Dan hoont ze mij als vieze druppelaar
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Tweelinggedicht

Aanschouw een mens die nadenkt met zijn klieren

Kijk hem eens soepel door de bomen zwieren

’t Is Rambo! Zie die goedgespierde vormen!

Wie hem weerstaat is voedsel voor de wormen:

Daar schiet hij weer een medemens in vieren!

 

                         De Held is meest een lompe olifant

                         Verstoken van normaal gezond verstand

 

Hier staat Van Speyk, een held in hart en nieren

En daar het grauw met razen en met tieren

Het Vlaams gebroed komt woest zijn schip bestormen

Hij blijft getrouw aan Hollands wet en normen:

De vlam in ’t kruit en ’t zooitje naar de pieren!

 

                         Blijf uit zijn buurt: het is zijn heldenmoed

                         Die jou en vele massa’s sterven doet

 

 

Dit tweelinggedicht werd ingestuurd door Guus Suerbier, die meldt dat deze vorm bestaat uit twee coupletten van vijf regels in vrij metrum, maar met vrouwelijk rijm en het rijmschema aabba (2 maal) en twee rechtsgeplaatste distichons die commentaar leveren op de coupletten en tevens als zelfstandig moralistisch kwatrijn gelezen moeten kunnen worden, met het rijmschema aabb in mannelijk rijm.