Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

veer

Hier zien we echt een zeldzaamheid:
een Kieteldodo-veer. 

Die vogelsoort bestaat niet meer.
Ze hebben indertijd
– het is een triest verhaal –
zich doodgelachen, allemaal.

grootvader2

Plotseling heengegaan!
Grootvader is niet meer
Op mijn verjaardagsfeest
Deed hij nog mee
 
Vrolijk begon hij een
Felicitatielied
Iets te hartstochtelijk
‘Lang zal hij le’

 

staaij

Verlicht de zware weg van Van der Staaij
Zijn vrome hart ontbeert humaniteit
Kees lijdt aan steenkoude onbuigzaamheid
Bewerk toch s.v.p. een ommezwaai

O help hem dadelijk, die arme ziel
Herschep hem tot een hippe homofiel

 

Half negen, meldt de bel in het lokaal,
het tijdstip dat de les moet gaan beginnen.
De halve klas is echter nog niet binnen,
maar op een maandag is dat heel normaal.

Voorlopig overheerst het groepsgewoel,
terwijl er soms nog een komt binnenvallen
die enthousiast verwelkomd wordt door allen.
Na een kwartier zit ieder op zijn stoel.

De helft hangt doelbewust achterstevoren,
want voor een puberende knul of meid
is de docent geen topprioriteit,
vooral niet als hij wil gaan overhoren.

Babet en Kelly hebben een conflict.
Ook is er wat geroezemoes rond Esther,
die net ontmaskerd is als cyberpester.
Kim krijgt een klap, want die heeft haar verklikt.

Probleemjeugd is aanwezig bij de vleet:
twee blowers, drie autisten, vier aspergers,
vijf ongediagnosticeerde tergers
en Rita Lynn, die flink ADHDeet.

Met schoolwerk wordt de klas zwaar overvraagd:
Chantal dreigt door de werklast te bezwijken
als vakkenvuller met twee krantenwijken.
Haar vader heeft de school al aangeklaagd.

Geruzie thuis bij Willemijn en Bas;
ook zijn er huiswerkvrijvergunninghouders:
drie kinderen met briefjes van hun ouders:
stress, anorexia, obesitas.

Opeens verschijnen tranen van verdriet,
eerst bij Dolores, daarna bij Mercedes:
die ouderwetse shit van Archimedes:
drie keer behandeld, maar ze snappen ’t niet.

Waarna de hele meute reageert:
of hij de stof nog eenmaal uit wil leggen.
Dat kan hij hen natuurlijk niet ontzeggen,
waarna de klas spontaan applaudisseert.

De uren, dagen, weken vliegen heen.
Maar wat er ook gebeurt, hij blijft blijmoedig,
al gaat het met de stof niet echt voorspoedig:
pas na twee maanden klaar met hoofdstuk een.

Is de ultieme challenge uw parool?
Er zijn nog vacatures bij de school.

crossroad


Waarom heb ik ooit deze woning betrokken
Aan ’t kruispunt van Doemsteeg en Dodemanslaan
Waar schimmen hun slag in de duisternis slaan
En avonden lang om mijn ziel zitten gokken

De nacht stapelt uren als loodzware blokken
En vleermuizen piepen van wanhoop en waan,
De balken verzakken, de vloeren vergaan,
Het klamme behangsel ziet zwart van de pokken

Vannacht voor de laatste keer wakker geschrokken,
In ’t karige licht van de krimpende maan
Bood deurwaarder Dood mij een dwangbevel aan

Nog even een tip voor de adem zal stokken:
Ach mens, laat u niet door een makelaar lokken
Naar ’t kruispunt van Doemsteeg en Dodemanslaan

griep

Blafhoest en snottebel.
Iedereen lijdt eraan.
Zelf heb ik echter nog
praatjes voor tien.
 
Drie dagen later: mijn
virusbesteddigheid
blijkt bidder groot
dad ik graag had gezied.
 

ik ga

 

het huis van de man en zijn vrouw
gekocht ‘om hun beurzen te spekken’
bekennen ze, ‘zónder know-how’
en zonder een spier te vertrekken

de man en de vrouw in dat huis
nu blijkt het er alom te lekken
(dat zag ik zonet op de buis)
bij monstering van de vertrekken

die vrouw in dat huis met ’r man
‘ha, ha’ denk ik ‘stelletje gekken’
maar stilletjes droom ik ervan
om net zoals zij te vertrekken

 

container

Kom naar de eilanden!
Jutter en dagjesmens
Flatscreens en knuffels
Voor iedereen zat

Ga niet slechts af op de
Waterbestendigheid
Sleep ook de andere
Troep van het Wad

Ik wil een kerk zonder religie
Een moskee zonder profeet
Ik wil een bijbel zonder God
Een synagoge zonder leed

Ik wil wapens zonder kogels
Een oorlog zonder bloed
Ik wil woede, zonder kil
En ook verder alles goed

Ik wil een oordeel zonder voor
Migranten zonder vlucht
Ik wil een weg zonder een wil
Naar een altijd schone lucht

Ik wil leven zonder dood
Stevig drinken zonder kater
Ik wil vangen zonder bot
Ik wil nu en ik wil later

Graag een trojka hier en daar
Altijd heen en zonder weer
Maar bovenal toch, bovenal
Wil ik jou, zonder meer

PK lichtvoetigdeel2 192x300

Het nieuwe jaar is nog pril, en er verschijnt al een recensie. Op Meander is de bundel 'Lichtvoetig II' besproken. De bundel verscheen n.a.v. het tweede Nederlands Kampioenschap Light Verse, zoals vaste lezers weten. De recensent is verrast door inhoud en vorm, en roept dan ook bijvoorbeeld: "Er zijn perfecte sonnetten bij, rijmend, in juiste maat en versvoet met kwatrijnen en terzinen." Voor ons een tautologie, voor een ander een geheel nieuwe ontdekking. En over een terza rima sonnet wordt gejubeld dat de regels zowaar een afwisseling van tien- en elftallen lettergrepen kent. Voorwaar een wonder. De samenstelling van de bundel wordt op het conto van Het Vrije Vers gesteld, dat is teveel eer, want niet geheel waar. Maar de aandacht is welkom en wordt zeer gewaardeerd.

Alhier te vinden en te lezen:

https://meandermagazine.nl/2019/01/poezie-kort-2019-1/

2019

Wat een begeestering!
Heuglijke jaarwende
Jay van groep acht mag
Met vuurwerk op straat
 
Zo wordt een knaldebuut
Onvergelijkelijk
Daar hem het licht in
Zijn ogen vergaat
 
 

lont

Ik zei dat het zo klaar is als een klontje
Dat vuurwerk is bestemd voor onbeschoften
Maar beide kerels hadden een kort lontje
En ontploften

 

2018

De scheurkalender op z’n dunst.
We ezelen de files in, de winkels
uit met mondvoorraad voor tien.
De oude kuddegeest drijft ons
de laatste avond bij elkaar.
 
Om samen van alles te nemen, te eten,
kwinkslagen te kaatsen en oud zeer
te soppen, onze hoofden dik gevoerd met roes.
De koelkast zoemt van welbehagen.
 
Aan alles komt een begin.
Klokslag scheurt het jaar zich los,
het jongste uur ontfermt zich over ons,
zoent zich wijd in. We drommen
vrieskou in voor namaaklicht
en gierende bewijzen van bestaan.
 
Veel later staan we zeldzaam traag
en zeldzaam langzaam op. We gaan
het jaar weer overdoen –

 

niets te wensen

je vindt er helemaal geen zak meer aan
de dagen zijn eentonig, zonder kleur
om alles hangt dezelfde muffe geur
't is al met al een vreugdeloos bestaan

je oude maten zie je liever gaan
want hebt je zakken vol van hun gezeur
ze komen steevast voor een dichte deur
een afspraak schuif je op de lange baan

het nieuwe jaar, dat zegt je echt geen reet
onthaal je hooguit op een forse scheet
gedoe met feesten hoeft al zeker niet

er valt dus niets te wensen, beste man
geen kleinigheid is er die beter kan
ga lekker door en zing je vaste lied

kerstboom

Een droeve kerstboom pakt de pen
Het is hem gaan verwarren
Ben ik nu wel of niet een den
Wil iemand met me sparren?

Ik hoor niet bij een christelijke clan,
maar ieder jaar twee dagen feest voor Jezus,
dat spreekt me aan en dus denkt dichter dezes:
'Dat doe ik ook als ik weer jarig ben.'

kerstkaarthesjemetkl 2

ster

 

Soms komt van onwaarneembaar ver
wat al bestond in zicht,
onthult de nacht een nieuwe ster
in duizend jaar oud licht.
 
Misschien ging ze al eeuwen zacht
vervagend weer teloor,
toch dringt ze pas in deze nacht
tot onze ogen door.
 
De ster is slechts een beeltenis
van wat voorgoed verdween,
een blik in de geschiedenis,
een afdruk van voorheen.
 
Wanneer de hartstocht op den duur
voor dof berusten zwicht
rest enkel van het oude vuur
de gloed die ons verlicht.
 
Steau van Mihai Eminescu (1850-1889)
vertaling: Otto van Gelder

kerstdiner

’t Is ieder jaar dezelfde vraag: wat mag niet in de schalen?
Jan eet geen kaas, Piet wil geen worst, Klaas houdt niet van garnalen.
Voor Joachim is elke vorm van rauwkost uitgesloten.
Bob lust wel alles, maar hij heeft een allergie voor noten.
 
Ook groente is een heel gedoe: Mien lust geen sperziebonen,
Maud wil geen groene bloemkool en Roberto geen gewone,
Niels geen gekookte worteltjes en Willemijn geen kroten.
Bob eet het allemaal, maar ja, die allergie voor noten.
 
De religieuze eisen blijven ieder jaar weer boeien:
Sharifa eet geen varkens en Parvati eet geen koeien.
En vegan Willem-Jort eet niets dat wandelt op vier poten.
Bob vindt het best, maar waarschuwt nog een keertje voor de noten.
 
Het resultaat is heerlijk en laat ieder in zijn waarde.
Dit gastronomisch kerstbestand brengt vrede op de aarde.
Een wanklank is er wel helaas; Bob voelt zich best wel klote,
want in het grand dessert zit toch een heel klein beetje noten.

 

 

x004a Bert van Helder 198x300

 

Op de site van het vernieuwde Meander magazine staat een recensie van de bundel Een jaar is vier kwartaal in tweeënvijftig lichte gedichten van Bert van den Helder. Inge Boulonois schreef de recensie, de link staat onderaan dit bericht.
 
Nu was het plan om hier de bundel ook inhoudelijk te bespreken, maar omdat Inge dat al voortreffelijk heeft gedaan volstaan wij met wat voetnoten en zullen we rijkelijk citeren uit een bundel die dat verdient. Daar beginnen we hieronder mee, en de komende tijd zullen we zeker nog eens plukken uit deze bundel.
 
Wat meteen opvalt is de fraaie cover met de formule die door de titel daarna dunnetjes wordt onderstreept. Mooi mat wit trouwens, wij houden ervan, en stevig karton, niet van dat flubberige spul. Dat de formule bij strikte ontleding 52 jaar zou opleveren mag de pret niet drukken. Maar valt u ons gerust aan op dit punt.
 
Een bundel met een grote diversiteit aan inhoud. Gedichten die strak in de vorm zitten - zoals ook de indeling in vier afdelingen, semi-vrije verzen, ritmisch sterke gedichten en kort werk dat vooral op de punchline is gericht. Dat laatste is niet altijd het meest geslaagd, in de gedichten die de lichte toets combineren met een serieuzere toon is Van den Helder op zijn sterkst en vindt hij ook een eigen geluid.
 
Als voorbeeld van bovengenoemde ritmiek, uit 'Ganzen' met een ik die op de dijk fietst met de wind in de rug: 'het pad is lang, het pad is recht/een grote groep met grauwe ganzen/komt van achter aangevlogen/richting wordt iets afgebogen/komen in mijn baan terecht'. Niet alleen wint deze taal aan kracht door weglating, ook de subtiele verschuiving van 'komt' naar 'komen' en van de groep als eenheid naar de zich om de fietser verspreidende ganzen is beeldend. Zo ook de onvermijdelijke afloop verderop: 'daar ik zelf nooit vliegen zal/geniet ik dubbel van mijn val'. Plezierig pessi-optimisme.
 
 
Mijn tante
 
Mijn tante was zo ijdel als een pauw
haar haren wit, haar blouseje strak gestreken
wat ik moet doen nu zij reeds is bezweken?
Ze houdt niet van die donkerzware rouw.
 
Dus zonder schuldgevoel hijs ik haar gauw
in haar antieke hagelwitte trouw-
jurk. O, wat wordt ze veel bekeken
als bovenaardse engel vergeleken.
 
En na een jaar of tien dan wil die vrouw
- al komt het niet zo aan op een paar weken -
dat ik dan haar skelet opgraven zou
en dat ik al haar botten mooi zal bleken.
 
 
Bert van den Helder

Een jaar is vier kwartaal in tweeënvijftig lichte gedichten
Stichting Korreltje Zeezout, 2018
Bundel bestellen en verdere info: www.lichteverzen.nl

Recensie op Meander Magazine:

https://meandermagazine.nl/2018/12/bert-van-den-helder-een-jaar-is-vier-kwartaal-in-tweeenvijftig-lichte-gedichten/

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Een kalme dag (Alexandrijn)



De voordeur gaat van ‘t slot ik stap over de dorpel
Er schijnt een vale zon, de blauwe lucht toont leegte
De koeien in de wei het zijn er haast wel dertig
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een buurman net uit bed hoewel de ochtend vordert
Wat heeft hij als ontbijt het is een bordje yoghurt
De vogel in de lucht die schat ik op een buizerd
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een hengelaar die vecht een ronde met een karper
Zijn snoer raakt in de war het wordt een hele puzzel
De buurvrouw met haar hond doet lievig met het mormel
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een wandelaar die groet hij is een mededorper
Zijn broekspijpen te kort hij kijkt op zijn horloge
Van verre klinkt geluid als van een schorre bugel
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een jongen in een boot verliest zowaar zijn peddel
Hij vist het ding weer op, hoewel niet zonder moeite
Ik ga maar eens naar huis mij wacht een bord andijvie
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf


(De oplettende lezer zal opmerken dat dit gedicht onberijmbare woorden bevat (hoewel de zwaalf een bestaande vogel lijkt te zijn) Redactie HVV)

Koop koop koop