Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Er hangt iets boven Groningen, akkoord!
Een wieler-wk ofwel luchtkastelen
Dat kan geen ene pedalist iets schelen
Zij hebben nooit van deze plek gehoord

De platte stadsjer zal hun oog niet strelen
Waar die martinitoren ook niet scoort
En menig renner zich aan vlakheid stoort
Zal men daar ook de heide moeten velen

Er blaat geen enkel schaap dat hen charmeert
En ieder groentje zal de eindstreep halen
Geen zere kont of lijf dat protesteert

De werklust van een klimmer, die zal dalen
Een berggeit weet wie op de meet regeert
Dus zit hij in een bus gebelgd te balen

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Waanzin (Veens sonnet)



Naar Brecht


Bij leven religieus tot op het bot
werd deze vrouw door plichtsbesef versleten:
haar centen voor de armen opgepot
en ook gaf zij wie honger leden eten.

Ja, deze moeder was waarachtig groot:
acht kinderen had zij op aard gezet.

Zij wist zich door de HEERE steeds verblijd.
Haar einde kende enkel bitterheid.

Want wat zo sterk stond, lag toen ziek in bed;
Geen mens ontsnapt tenslotte aan de dood.

En grienend, kermend, trachtte zij verbeten
een "Onze Vader", maar bij 't levensslot
was zij de woorden van 't gebed vergeten
en dat ontnam mij mijn geloof in God.