Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Haar lenig lijf, haar lange sterke benen
Waarmee zij elke wedstrijd harder rent
Haar schijnbaar ongebreidelde talent
En drang om dag na dag weer hard te trainen

Als ik haar navel zie moet ik haast wenen
Omdat de aanblik daarvan nimmer went
En door de lach die Dafne naar mij zendt
Denk ik dat Venus in haar is verschenen

Ze is, dat moet wel, door een god gezonden
Want o, wat is haar lichaam fraai gebouwd
Alsof het voor de sprint is uitgevonden

Ze is slechts tweeëntwintig jaren oud
Maar rent reeds sneller dan in elf seconden
In Rio wint ze straks Olympisch goud

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Tweelinggedicht

Aanschouw een mens die nadenkt met zijn klieren

Kijk hem eens soepel door de bomen zwieren

’t Is Rambo! Zie die goedgespierde vormen!

Wie hem weerstaat is voedsel voor de wormen:

Daar schiet hij weer een medemens in vieren!

 

                         De Held is meest een lompe olifant

                         Verstoken van normaal gezond verstand

 

Hier staat Van Speyk, een held in hart en nieren

En daar het grauw met razen en met tieren

Het Vlaams gebroed komt woest zijn schip bestormen

Hij blijft getrouw aan Hollands wet en normen:

De vlam in ’t kruit en ’t zooitje naar de pieren!

 

                         Blijf uit zijn buurt: het is zijn heldenmoed

                         Die jou en vele massa’s sterven doet

 

 

Dit tweelinggedicht werd ingestuurd door Guus Suerbier, die meldt dat deze vorm bestaat uit twee coupletten van vijf regels in vrij metrum, maar met vrouwelijk rijm en het rijmschema aabba (2 maal) en twee rechtsgeplaatste distichons die commentaar leveren op de coupletten en tevens als zelfstandig moralistisch kwatrijn gelezen moeten kunnen worden, met het rijmschema aabb in mannelijk rijm.