Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

julesdeelder
Foto Wikimedia Commons
 
Hij was de burgemeester van de nacht
Van Rotterdam, de stad waar hij graag woonde
Waarvan hij in gedichten steeds weer toonde
De schoonheid en de tegendraadse kracht
 
Daarbij was zwart zijn favoriete dracht
Alsof hij elke dag zichzelf zo kloonde
En onberispelijk gekleed zich kroonde 
Tot fenomeen, uniek en hooggeacht 
 
Hij hield van jazz, van Sparta en van speed
Heeft proza en veel poëzie geschreven
En zong met rauwe stem soms zelfs een lied
 
Hij leidde eigenwijs zijn eigen leven
Maar angstig voor het einde was hij niet
Hij wist dat doodgaan helder licht zou geven 
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Seizoensarbeiders

Ik woonde aan zo’n middenklasseplein
Zo’n plek waar oudjes stiekem naar je gluren
De huizen zijn niet groot, maar ook niet klein
Met naast me van die doodgewone buren
Geen partyanimals maar ook geen zure
Een biertje, goed, maar dan wel uit een glas
Zo’n mensen die hun eigen friet frituren
De buurt is echter niet meer wat ze was
 
Mijn overbuurman met zijn meesterbrein
Besloot zijn huis aan Polen te verhuren
En dat moest uiteraard winstgevend zijn
Na weken breken, slopen, bouwen, schuren
Had het een aantal nieuwe binnenmuren
Twaalf kamers en een vijf bij vijf terras
Een douche en keuken zo uit de brochure
De buurt is zeker niet meer wat ze was
 
Nu gluur ik zelf van achter het gordijn
Naar twaalf werkkledingdragende figuren
Hun haar is kort, hun kaak een strakke lijn
Ze werken op een dag wel dertig uren
En hun verblijf zal zeven weken duren
Drie staan dan weer in Warschau voor de klas
Een ander wordt weer dokter in Masuren
Dan is de buurt niet langer wat ze was
 
O waardig Polen, blijf uw Polen sturen
Want zie, ik woon nu aan een plein met class
Zo’n dokter geeft de wijk wat meer allure
De buurt is stukken beter dan ze was