Een poes op zoek naar prikkeling
Van zintuigen en zinnen
Ging na een dakenwandeling
Een disco-dancing binnen,

Waar zij op lichte poespasdraf
Zich rechtstreeks naar de toog begaf
En zich daar op een barkruk hees
En gin dronk als een Siamees,

Poeslief sprak zij de barman aan
Als was ze een habitué:
"Mijn beste poesjenel, welaan,
Doe mij maar nog een poescafé."

Dit vond de barman nogal kras
te meer, daar hij, van aard secuur
en volgens wet gedwongen was
te sluiten wegens 't late uur.

"Mevrouw, sprak hij, staat u me toe
Dat om politionele reden
Ik dadelijk de tent toedoe,
Ik vraag u hier vandaan te treden."

Waarop de poes: "Het spijt me zeer:
Zo ik daarin genoegen schep,
Blijf ik hier net zo lang, meneer,
Tot ik een ferme kater heb!"

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Dag boek!


In dit millennium kwelt mij de  vraag
waarom wat is geschreven nog als boek
bestaat. Wanneer nu eindelijk het doek
valt voor dat lor met ezelsoor, die plaag

van vet en snel losbandig woordenvat
en van die slappe dweil de paperback
vol kwijl en shag, ja zelfs met luis en crack!
Ik ben het spuugzat, al dat gore blad.

Goddank: het lezen kan nu digitaal;
zo schendt geen derrie nog een schoon verhaal.
Dus weg die lorren, bij het oud papier!

We houden er een paar als souvenir,
voor leesmusea. Achter kiemvrij glas
ligt straks te kijk hoe vies u vroeger las –



Uit: Zo klinkt dus weggesmeten geld. Mouria, 2007