Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

snoeshaan
ClipArtKey
 
Een snoeshaan veinsde: “ik ben geen janhen”
en bauwde stug: “ik kraai omdat ik ben”.
Met scherpe snavel voelde hij zich sterk,
onkwetsbaar zelfs bij ‘t haan-de-voorstewerk.
Zijn kippen tokten: “doe niet zo gewichtig,
er heerst een ziekte hier, dus doe voorzichtig!”
Door hun bemoeiing werd hij kukelkwaad
en schimpte: “fake! da’s domme krielkippraat!”
Ocharm, de hoge kraaier werd wél ziek
en moest op slag naar de Poehaankliniek.
Zo bleek maar weer: de hoogmoed komt ten val,
ook in het aardse pluimveetranendal –
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Sonnettettedag



Hoe vormen dichters actualiteit
zo ogenschijnlijk los op hun gemakje
in steeds een passend snelsonnetgebakje
dat keurig rijmend tot een pointe leidt?

Wat er op Pinksterdag werd uitgestort,
is wat bij dichters tot een versje wordt.