op klanken uit een dwarsfluit danst de tijd
de kijker wordt van alle zorg bevrijd
al klinkt een toontje soms een tikje vals
hij gaat van menuet naar Weense wals

zijn voeten werpen stof op van de straat
het stuift en wervelt rond in driekwartsmaat
geen man of vrouw die weerstand bieden kan
en zelfs een mankend kind raakt in zijn ban

ze sluiten aan, vergeten waar ze zijn
maar als de schemer in de straten komt
ontbloot het duister hun geheime pijn

die nacht zijn straat en wijk verlaten, dood
de klanken van de dwarsfluit zijn verstomd
de gevels kaatsen slechts de laatste noot

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Verstekeling

Vervoerd naar  verten door een schuit uit China
Een tot de kiel verroeste brik, bejaard
Met vuurwerk hopend op behouden vaart
Vol vage vracht en olievaten (‘Fina’)

Als nautisch lifter was het mij veel waard
Al stuiterde ik als een ballerina
Op zee en tropenkoorts en van de kina
Zo’n avontuur van ouderwetse aard

Aan boord te zijn, te lezen: Slauerhoff
Alleen in zijn gedichten kon hij wonen
Nooit vond hij ergens anders onderdak

Voor Slauerhoff heb ik sindsdien een zwak
Die rusteloze scheepsarts kon mij tonen:
Ook reizen door de poëzie is tof


 

Dit gedicht was bij de beste 8 van de autobiografische sonnettenwedstrijd.