Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

dooievaar
 
 
Een witte veer waait op de wind,
Een zwarte veer drijft in de sloot.
Waar is de Dooievaar naartoe?
Waar zou hij zijn gebleven?

We vroegen het een Hagenaar.
Die zei: ‘Hè, is ie weg? Wat raar.’
We vroegen ’t een Egyptenaar.
Die zei: ‘Ik zag hem vorig jaar.’

We vroegen het een steunpilaar.
Die zei: ‘Het nest voelt minder zwaar.’
We vroegen het een makelaar.
Die zei: ‘Piekfijn en instapklaar.’

We vroegen het een weduwnaar.
Die zei: ‘Hij is nu vast bij haar.’
We vroegen het een moordenaar.
Die zei: ‘Zijn botjes liggen daar.’

We vroegen het een lepelaar.
Die zei: ‘Hij smaakte nergens naar.’
We vroegen het een leugenaar.
Die zei: ‘Daar is geen woord van waar.’

Soms zien we ergens even
een schaduw overzweven.
Waar is de Dooievaar naartoe?
Waar zou hij zijn gebleven?

We vroegen het een vogelaar.
Die zei: ‘Hou nou je snavel maar.’
 
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Villanelle voor het Mayajaar

Laat hier een afdruk van je woorden staan.
Al moet je schrijven in het brandend zand,
Dicht, zing! Laat vlammen uit de regels slaan.

De twijfelaar die immer door zal gaan
En kattebellen krabbelt aan de rand,
Laat hier een afdruk van je woorden staan.

De wijze die zijn letters telt als graan
En metaforen aan de hemel spant,
Dicht, zing! Laat vlammen uit de regels slaan.

De hofnar met zijn lach en met zijn traan,
Die altijd worstelt met zijn spiegelkant,
Laat hier een afdruk van je woorden staan.

De zoeker in het oog van de orkaan,
Met naalden door zijn uitgestoken hand,
Dicht, zing! Laat vlammen uit de regels slaan.

En als het vuur in sintels uit zal gaan,
Vloek, schreeuw, verhef je stem met moord en brand.
Laat hier een afdruk van je woorden staan.
Dicht, zing! Laat vlammen uit de regels slaan.