Door velen wordt ze aangeduid als zijnde het flamoesje,
dat klinkt aanmerk’lijk aardiger dan botweg klamme dot.
Of bruter nog: dan spreekt men van een kleffe druipsteengrot.
Veel vriendelijker is dan toch weer muisje dan wel poesje.

Hans Teeuwen houdt het op een natte la of zure sloot.
Eenvoudig als hij is noemt Youp van ’t Hek haar domweg kut.
Het ergste aller namen is beslist het woordje put,
dat past voor nog geen meter bij dit prachtig stukje schoot.

Ach, welke naam men haar ook geeft mij kan het niet veel
schelen.
Punani, schacht of schede, mossel, mösje, toefje, trut
of pruimpje, preutje, roosje, sneetje, oester dan wel frut,
‘k vind alles goed als ik er af en toe maar een mag strelen.

En hoe ze ook gekleed gaat, in een slip dan wel een stringetje,
ik vind haar sinds ik minnekoos het allerliefste dingetje.

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Nomen est omen



Archeologen hebben de toegangspoort en fortificaties van de Filistijnse stad Gath gevonden, beroemd wegens de inwoner Goliath. Bijbelkenners weten dat de stad om nog een andere reden faam geniet. De versvorm hieronder, de dubbele moraal bestaat uit twee strofen met het rijmschema abaaab, waarin met dezelfde rijmwoorden een tegengesteld standpunt wordt verkondigd:


God is Liefdevol

Gods Liefde is het die ons laat gedijen
Doet daarvan niet de ganse schepping kond?
De leeuwerik, het zoemend lied der bijen
Doet ieder kind oprecht van vreugde schreien
En huppelen in opgewekte rijen
Vanaf de allervroegste morgenstond

Ps. 103:8: 'Liefdevol en genadig is de HEER, hij blijft geduldig en groot is zijn trouw.'

God is wraakzuchtig

God laat zijn tegenstanders niet gedijen
Het volk van Gath zat Hij achter hun kont
Veroorzaakt door heel akelige beien
Klonk luid geweeklaag en een bitter schreien
Je zag ze tegen scherpe stenen rijen
En zitten was iets dat hen tegenstond

1 Sam. 5:12: 'God pakte de inwoners hard aan. Wie niet stierf, werd geplaagd door aambeien; het gekerm van de stad steeg op naar de hemel.'