Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft





Jij vindt het in de vroegste lentewei.
Jij zou het willen schreeuwen van de daken
met woorden die mij nimmer zullen raken.
Het mist in mij.

Jij wilt het dolgraag voor ons allebei.
Jij wijst me dikwijls op je lichtend baken.
Ik vraag je om je pogingen te staken.
Het mist in mij.

Er zit een vreemde moeheid in mijn botten,
alsof ik waden moet door zompe klei
waarin de penen en de piepers rotten.

De avond laat de witte wieven vrij,
die onbekommerd in mijn ziel ravotten.
Het mist in mij.

(niet-genomineerde inzending Willem Wilmink wedstrijd)

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Buigen



Het buigen was in vroeger tijd een wijd verbreid gebruik,
men deed het voor de Koning dan wel Edelman met pruik
en als je het vergat, welaan dan schopten ze je rot
of erger nog, als ’t tegen zat dan wachtte het cachot.

Er is zelfs een historie van de Kardinaal van Luik
die buigen niet voldoende vond, het volk moest op de buik.
Een onderdaan die dat niet kon -hij werd door jicht beknot-
bekocht dat met zijn leven, door de bijl op het schavot.

Die barre tijd lijkt nu voorbij, ik zeg met opzet lijkt,
want als je in de politiek de hiërarchie bekijkt,
verwachten de ministers met de president voorop,
dat ieder die wat lager staat hen toe neigt met de kop.

Edoch, ook in Den Haag verandert snel het buigklimaat
omdat er menig staatsman al te vaak te kakken staat.