Daar stond zij oog in oog met zijn maîtresse,
twee vrouwen aan twee zijden van zijn graf,
een hoopje zand; de steen was nog niet af.
Ze keken naar elkaar vol interesse.

“Wat gaf jij hem, dat ik hem niet kon geven?”
‘Ach, niet zo veel, hij hield van jou en mij.
De stiekemheid gaf een gevoel van vrij,
maar zonder jou kon hij geen etmaal leven.’

“Je hebt gelijk, het was zijn rusteloosheid.
Ik had wel vrede met de status quo.
Toen kwam die del uit Paramaribo.
Hij had geen notie van ons beider boosheid.”

‘Wel fijn, dat ik kon komen aan strychnine,
omdat ik werk heb in een apotheek.
Gelukkig dat het jou ook wel wat leek.’
“Ja zeker, liever dat dan blijven grienen.

Ik heb het in zijn whiskyglas geschonken
en in het winti-flesje in zijn zak.
Zij zit nu twintig jaren in de bak;
bewijs genoeg, de zaak was zo beklonken.”

‘Al is het beter zo, toch blijft het zonde.
Nou ja, het is gebeurd. Ik ga maar weer.’
“Kom mee met mij. Ik taal niet naar een heer,
maar wel naar warmte in mijn lege sponde.”

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Yumitripela (Nijmeegs sonnet)

 



Ons eerste samenzijn na vele jaren
Herinnert ons er allebei weer aan.

          We waren stoer in woorden en gebaren,
          Je zag ons altijd met zijn drieën gaan.
          Hij wilde steeds een nieuwe weg inslaan,
          Want nooit zag hij problemen of gevaren.

Vooraf zag ik wat praktische bezwaren,
nu ben ik blij om hier naast jou te staan.

          Hij wou iets groots doen tijdens volle maan.
          Wij hadden heel veel mitsen, heel wat maren.
          Hij moest het klusje in zijn eentje klaren
          en dat heeft hij uiteindelijk gedaan.

Terwijl we zwijgend in ons glaasje staren
proef ik opeens de ziltheid van een traan.


Ik heb Cees van der Pluijm niet gekend, maar weet nog precies wanneer ik zijn naam voor het eerst las. Drs. P schreef enthousiast over een Nijmeegse student die een geheel eigen sonnetvorm had verzonnen, het Nijmeegs sonnet.
Bovenstaand gedicht is een bewerking van een ellenlang blank vers; de inhoud heeft dus niets met Cees van der Pluijm te maken, de vorm des te meer. Deze versie bevalt me eigenlijk beter dan het origineel. Beide gedichten hebben dezelfde titel, waarvan u de betekenis zelf kunt googlen.