Men schrapt me, hoop ik, tijdig uit de boeken
alvorens ik van aardig welbespraakt
verander in een man die kreten slaakt
en in te lang gedragen onderbroeken

wanhopig naar de uitgang loopt te zoeken.
Zo iemand die door camera's bewaakt
de wereld in zijn hoofd steeds kleiner maakt
en ergens in een hoekje zit te vloeken.

Dus schrijf ik dit sonnet als testament
als wapen om die toekomst te bestrijden
tenminste als u mij ter wille bent;

beloof me lezer, als u van ons beiden
als enige de schrijver nog herkent
hem zachtjes van het leven te bevrijden.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Loon naar werk



Hij was op weg naar zijn moment van glorie
En maakte snelheid op die boulevard
Hij wist: ik word nu spoedig martelaar
En bovendien schrijf ik vandaag historie

'Wat zoek je' vroeg de toegangs-cherubijn
Toen hij het Paradijs dacht te betreden
'Nou ja zeg, ik heb niet voor niets gereden
Ik kom hier voor mijn maagden, zes dozijn'

De wachter sprak: 'Een schrijnend misverstand
Je wordt hier überhaupt niet toegelaten
En reken maar dat bidden niet zal baten
Als jij voor eeuwig in het helvuur brandt'

Hij keek hem met bedroefde ogen na
Terwijl hij zachtjes bromde 'Inshallah'