Macke
August Macke - Hoedenwinkel (1913) (Wikimedia Commons)
 
Hoe schilder je de stilte in een straat,
de eeuwigheid als een momentopname?
Het antwoord ligt besloten in een dame
die zwijgend voor een hoedenwinkel staat

hoewel het daar in hoofdzaak niet om gaat
maar om volstrekt ontbreken van reclame,
verbeelden vrouw en etalage samen
een manifest tegen de overdaad

De mode die als massafabricaat
voor iedereen beslist in elke maat
een hangplek krijgt in uitverkooppaleizen

Kom binnen, kwaliteit is onze kracht
wij kleden u hier uit terwijl u wacht
en alles tegen schappelijke prijzen
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Meneer Shakespeare, lieve William,


Zal ik u meten aan een dodenmasker?
Niet mijn idee, maar van de wetenschap.
Ze kleien graag met rottend alabaster,
Die lui zijn dol op een genadeklap.

Het is dan ook beslist geen fraai gezicht,
U bent toch hoop ik niet op wie u lijkt.
Ik zie u liever als in dat gedicht
Waarin u ijdel in de spiegel kijkt.

Sonnetje achttien. Dat bent u, niet waar?
U had gelijk, het wordt nog steeds gelezen.
Men roept maar wat, dat u met allegaar -
Behalve Anne dan - heeft liggen kezen.

Uw beeltenis is nu voorgoed verkloot,
Ik zag u liever in de Playgirl, bloot.