César Gezelle zingt:

“’k Zie schapen, witgewold,
’k Zie rid- en runders draven …”
 
Wij gaan voort:
 
’k Zie schapen, witgewold,
’k Zie rid- en runders draven,
’k Zie vo- en vlegels zich
Aan wa- en bitter laven.
Al is de stad ook vol van stu- en decadente’
Die speel- en alcohol
Verkiezen boven lente,
U, boe- en kippen-ren,
U, lust- en korensc-hoven,
U, var- en vlinderken,
U stel ik ver daarboven!
In ’t mooie voorjaarsweer,
Gaan bloe- en ramen open,
’k Zie ieder met een bloem,
Zelfs schoo- met anjers loopen,
’k Zie ei- en beuken staan,
En dreu- en andre musschen.
Wijl lij- (geen vrijsters!) slaan,
’k Zie kro- en meisjes kussen.
En mensch en kunstenaars
Zij dragen en zij eten
Veel flam- en waterbaars,
Bij ’t hij-, zij-, zwijgend zweeten.
Geen pneu- slechts harmonie:
De tweedracht wijkt voor vrede,
De ru- voor poëzie,
Juicht kin- en ouders mede!
Want len- en warmte is daar,
Mijn geest stijgt op, naar boven,
’k Wil nat- en morgenuur
Met vul- en lippen loven!
 
Ter herinnering aan Charivarius (Gerard Nolst Trenité)
20-7-1870 -9—10-1946
Uit: Ruize-rijmen, Uitg. H.D. Tjeenk Willink & Zoon 1922
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Een dagje uit

‘Waarom blijf je gewoon niet lekker hier?’
Sprak Willem V tot zijn vertoornde vrouw
‘Waarom zou je je nou zo op gaan winden?

Canaille, plebs, janhagel en het grauw
En kezenvolk; dus ons niet welgezinden
Zijn buiten in de polder op de been’

‘Nee; ik wil pér se naar mijn Haagse vrinden
En laat me niet weerhouden door ‘t gemeen!’
Ze stapte bitter in haar janplezier

Maar Willem V  was dit keer niet abuis:
Ze kwam maar tot Goejanverwellesluis  



Enkele tientallen jaren geleden kon iedere Nederlander dit verhaal vertellen: het behoorde bij de geschiedeniscanon. Er is nu een nieuwe generatie, die van dit verhaal totaal onkundig is, door gebrek aan onderwijs in ons onderwijs.
Wat jammer is, vanwege dat prachtige ‘Goejanverwellesluis’ (waardoor het bij ollekebollekeliefhebbers overigens wél voortleeft).
Je  deelt nu dus een Vaderlands Geschiedenisfeit met hele oude Nederlanders en kunt in elk woonzorgcentrum de blits maken.
Wat kezen zijn? Dat was de spotnaam die Oranjegezinden aan de Patriotten gaven.

(Uit De canon van Nederland, uitgeverij Liverse)