Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

 



De Vlaamse dichter is een eend op krukken.
Hoewel hij enkel kluchtig kan mislukken
Laat hij zijn kromme maaksels steeds weer drukken -
Zijn geest is dof, zijn botte pen loodzwaar

En nooit eens reikt hij, brave zemelaar,
Een regel hoger dan het middelbaar.
Veel beter dan de pen, dat stuk gevaar
Greep hij de penis, om zich af te rukken.

En voor het dichteresje: evenzo -
Al is zij ook het teerste maagdelijn
Dat passend zwijmelt over barenspijn,

Ik geef haar bovenstaand octaaf cadeau -
Hoewel voor haar nochtans, subliem tableau!
De pen nog enigszins van nut kan zijn.


(Uit de nieuwe bundel komhoeheetieookweerevendoorscrollenenjevindthem)

 

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

4 Staatslieden: Kuyper (1837 - 1920)

Een manisch depressieve schriftgeleerde,
geducht om zijn immense diarree
van woorden. Hij schiep VU en ARP
en was de hoofdman der gereformeerden.

De in zijn kring afgodisch haast vereerde
werd Kamerlid, was vier jaar lang premier,
verloor daarna; er kwam geen Kuyper II.
Ook later niet omdat het tij toen keerde.

De krant ‘Het Volk’ onthulde een schandaal.
Door lintjeshandel en een roomse snol,
bekwaam in ‘de perversiteit suceeren’

(bedoeld wordt hier bevrediging, oraal),
was het gedaan met Kuyper’s heldenrol;
hij trok zich terug en zou niet meer regeren.