Het vrije vers

Voor en door plezierdichters

Met Forum, Vorm én Vent



Kom, zei het schaap Veronica, ik ga eens krek gebruiken; 
dat spul schijnt heel erg goed te zijn, las ik laatst in de krant. 
Ik heb mijn buikje vol van lurken aan jeneverkruiken. 
En Ekstesie en wiet vind ik een slappe stimulant.

Ze ging eens naar de dominee: U kent de juiste mensen,
als u nu eens een afspraak maakt zorg ik wel voor de poen. 
En o, als ik toch nu een échte schapenwens mag wensen, 
dan roken we ons naar de hemel met de dames Groen. 

O nee! zo sprak de dominee, zoiets zou ik niet wagen!
Ik ben een man van God en wat u wil is niet legaal 
U liep, zei zacht het schaap, hierover anders niet te klagen 
Toen u mij als klein lammetje liet zuigen aan uw paal. 

Het vlees kan soms ook sterk zijn, zei de dominee. Wat drommel: 
u heeft gelijk, we maken er een vrolijk dagje van. 
Ik ken een goede dieler, die verkoopt me nooit geen rommel 
En haalt u dan de dames op? Zo snel als u maar kan? 

De dames Groen die lurkten zich de krampen in de kaken. 
Het was een mieters fuifje, vol met bloot en plukken wol. 
De dames Groen die ragden gillend op twee  pastinaken; 
de dominee nam stoond het lieve schaapje in haar hol.

De dag erop, verzadigd, met haar wolletje nog uit, 
nam een tevreden schaap een lekker nakkie tot besluit.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Forum (recent...)

Uit het archief

Waanzin (Veens sonnet)



Naar Brecht


Bij leven religieus tot op het bot
werd deze vrouw door plichtsbesef versleten:
haar centen voor de armen opgepot
en ook gaf zij wie honger leden eten.

Ja, deze moeder was waarachtig groot:
acht kinderen had zij op aard gezet.

Zij wist zich door de HEERE steeds verblijd.
Haar einde kende enkel bitterheid.

Want wat zo sterk stond, lag toen ziek in bed;
Geen mens ontsnapt tenslotte aan de dood.

En grienend, kermend, trachtte zij verbeten
een "Onze Vader", maar bij 't levensslot
was zij de woorden van 't gebed vergeten
en dat ontnam mij mijn geloof in God.

Koop koop koop