Ooit zat ik op een hobbelpaard en was ik indiaan
en werd mijn achterbuurt een bos zodra ik er doorheen sloop
Mijn hoofdtooi was een stuk papier, mijn boog was een banaan
En vriend noch vijand zag me gaan als ik van steen naar steen kroop

Dan maakte ik een brandweerwagen van mijn nieuwe fiets
en bluste met onzichtbaar water niet-bestaande branden
Ik vloog naar Pluto op een kleed, in alles zat wel iets
Het sufste ding wordt waardevol in creatieve handen

Toen kwam er plotseling een dag waarop ik niet meer speelde,
en trapte tegen dat wat eens mijn speelgoed was geweest
Een dag waarop ik me niet meer vermaakte, maar verveelde
Hoe meer mijn lichaam groeide, des te kleiner werd mijn geest

Nu hang ik op de bank en tel de vlekjes op de muren
en vraag me af wat er in al die jaren is gebeurd
Wanneer ik van een kind verwerd tot één van die figuren
die net als ieder ander bang binnen de lijntjes kleurt

Waar is de jongen die als kapitein de grootste zee
met slechts een mattenklopper en zijn bed bevaren kon?
Soms, als ik in de spiegel staar, dan vaar ik met hem mee,
dat joch dat niet bevreesd was
als de nieuwe dag begon..

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Een kalme dag (Alexandrijn)



De voordeur gaat van ‘t slot ik stap over de dorpel
Er schijnt een vale zon, de blauwe lucht toont leegte
De koeien in de wei het zijn er haast wel dertig
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een buurman net uit bed hoewel de ochtend vordert
Wat heeft hij als ontbijt het is een bordje yoghurt
De vogel in de lucht die schat ik op een buizerd
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een hengelaar die vecht een ronde met een karper
Zijn snoer raakt in de war het wordt een hele puzzel
De buurvrouw met haar hond doet lievig met het mormel
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een wandelaar die groet hij is een mededorper
Zijn broekspijpen te kort hij kijkt op zijn horloge
Van verre klinkt geluid als van een schorre bugel
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf

Een jongen in een boot verliest zowaar zijn peddel
Hij vist het ding weer op, hoewel niet zonder moeite
Ik ga maar eens naar huis mij wacht een bord andijvie
Het is een kalme dag zo rond een uur of twaalf


(De oplettende lezer zal opmerken dat dit gedicht onberijmbare woorden bevat (hoewel de zwaalf een bestaande vogel lijkt te zijn) Redactie HVV)