Receptgedicht II
Geschreven door Frits Criens & Marleen Willebrands zondag, 20 december 2009 12:00
Toewijding
Frits Criens
Ik was een eenzaam hospitaalsoldaat
En dus vroeg Lien me met de kerst te eten
Ze is de liefste meid van onze straat
Fazant in saus die exquisiet mocht heten
Een feestboom van puree als fraai symbool
Waaraan haar toewijding was af te meten
Met partjes kweepeer door de rode kool
En donkere trappist naar Vlaamse zede
Bracht zij de culinaire hogeschool
Het toetje… daarvan deel ik hier niets mede
Omdat ze mij om die discretie bad
Maar heerlijker had ik het nooit gehad:
Een zalig Kerstmis op een wolk van vrede

Foto: Gjalt van der Molen
Fazant met rodekool en kweepeer, en puree van aardappel-pastinaak
Marleen Willebrands
Rode kool met kweepeer
Ingrediënten:
een halve rodekool
1 ui
20 g boter
scheut rode wijn
3 eetlepels bruine suiker
laurierblad
½ theelepel kruidnagelpoeder
½ theelepel kaneel
zout
2 kleine kweeperen
scheutje rode azijn
eventueel allesbinder
Fazant met trappist
Ingrediënten:
4 fazantborsten
flink boter
peper en zout
flesje bruine trappist
4 dl wildfond
eventueel allesbinder
Verstuur dit kerstrecept als digitale kerstkaart, door op het envelopje rechtsboven in dit bericht te klikken!
Bereiding
Rode kool
Schaaf een halve rodekool fijn. Snipper de ui. Fruit ui en rodekool in boter. Voeg de bruine suiker toe, de specerijen en zout. Scheut wijn toevoegen. De kool 10 minuten laten stoven. De geschilde en in partjes gesneden kweeperen toevoegen en ca. 30 minuten laten meestoven. De gare kool op smaak afmaken met azijn. Zonodig vocht binden met allesbinder.
Puree van aardappel en pastinaak
Schil 500 gram bloemige aardappelen en 500 gram pastinaak. Snijd ze in stukjes en kook ze gaar in bodem water met wat zout. Giet ze af en pers ze door een pureeknijper. Klop er een klont boter doorheen.
Fazant
Fazantenborstjes inwrijven met peper en zout, dichtschroeien in hete boter, afblussen met bruine trappist. Het vlees uit de pan nemen. Fond toevoegen aan het braadvocht. Laten inkoken tot de helft. Saus op smaak brengen met zout en peper. De fazantborstjes in een op 200°C voorverwarmde oven vijf minuten bakken. De saus weer verwarmen, eventueel bijbinden met allesbinder en er een klontje koude boter door kloppen. Serveren: De fazantenborstjes in dunne plakken snijden. Op ieder bord een spiegel leggen van de saus met daarop de borstfilets, de rode kool en een torentje puree.
Najaar 1944. Veel mannen zitten ondergedoken in vochtige, steenkoude holen, verborgen schuurtjes, gecamoufleerde kelders, vergeten silo’s, vervallen pakhuizen en op blinde zolderkamertjes. Ze spelen met hun leven, bij ontdekking wacht hun de kogel, maar tewerkstelling in Duitsland is net zo gevaarlijk. De bezetter loert op onderduikers en overal zijn verraders actief. Soms bezwijkt een van deze onzichtbaren onder de spanningen en meldt zich alsnog vrijwillig voor de ‘Arbeitseinsatz’. Een enkeling slaat de hand aan zichzelf. Een ding hebben alle onderduikers gemeen: ze zijn volkomen afhankelijk, meestal van dappere vrouwen die met onvoorwaardelijke toewijding hun veiligheid op het spel zetten. Talloos zijn de verhalen uit die tijd, heroïsch, triest, ontroerend, schrijnend, onwerkelijk. Een anonieme getuigenis:
‘Zes weken al zit ik hier. Ze duurden een eeuwigheid in deze donkere bietenkelder. Ik heb uilenogen gekregen. Alleen ’s nachts durf ik even mijn vrijwillige gevangenis uit om mijn behoefte te doen. Dan zie ik uit het Roergebied de jagers en bommenwerpers terugkeren die ik eerder hoorde overvliegen. Zonder X. was ik nergens. Elke avond brengt ze zwijgend een snee brood met vet, een winterwortel, wat stamppot, al naar gelang ze kan missen. En water. Vandaag heb ik gehuild. Ze bracht me, anders dan anders, laat in de middag al, mijn eten. Een flinke portie, nog warm: fazant, aardappel en rode kool. Hoe ze het in godsnaam heeft klaargespeeld zo’n feestmaal te bij elkaar te sprokkelen? Ze is slim. Op een briefje heeft ze in onherkenbaar handschrift geschreven: Zalig Kerstmis.’








