Afdrukken




 

Ik sliep en in mijn wilde dromen

Ik sliep en in mijn wilde dromen

Zag ik wezens samenkomen

Zag ik wezens samenkomen

Wezens zag ik in mijn  dromen

Ik sliep en wilde samen komen?

 

 

Het waren vrouwen, zo begeerlijk

Het waren vrouwen, zo begeerlijk

En wat ze deden, deden ze heerlijk

En wat ze deden, deden ze heerlijk

Vrouwen deden wát begeerlijk

Ze deden het zó en ze waren heerlijk

 

 

Wat viel dat tegen, het ontwaken

Wat viel dat tegen, het ontwaken

Het was te wreed- en een smerig laken

Het was te wreed- en een smerig laken

Het viel  tegen en te laken

Smerig, dat was het, wat een wreed ontwaken!

 

 

Wat wilde ik? Een smerig laken?

En vrouwen in mijn ontwaken?

Waren wezens zo begeerlijk?

Wat deden ze? Ik sliep (Deden ze heerlijk?)

En zag dat het tegenviel, het samen komen

En  wreed was: het te dromen

 

 

O ja? Nou, doe het dan zelf beter.

De paradelle is een van de meest veeleisende Franse standaardvormen, en verscheen voor het eerst in de liefdespoëzie van de Languedoc in de elfde eeuw.

Het bestaat uit vier strofen van ieder zes regels, waarvan de eerste en tweede regel, evenals de derde en vierde, identiek zijn. De vijfde en zesde regel waarmee deze strofen traditioneel eindigen, moeten alle woorden bevatten van de voorgaande regels en enkel die woorden en allemaal slechts een maal.

Tenslotte moet de laatste strofe geheel bestaan uit alle woorden die in de vorige drie strofen gebruikt zijn en ook enkel die woorden en ook maar een maal.


Althans, dit beweerde United States Poet Laureate Billy Collins in 1997, die deze vorm in feite bedacht als grap en als parodie op de villanelle.

In zijn eigen voorbeeldgedicht  ‘Paradelle for Susan’ kwam hij in de laatste regel zelf overigens niet verder dan: “Darken the mountain, time and find was my into it was with to to.”

De grap sloeg aan, mensen die het door hadden gingen paradelles in elkaar zetten en ook velen die er in trapten en het serieus namen knutselden vreselijke dingen in elkaar.

 

Er verscheen zelfs een boek; The Paradelle: an anthology (Red Hen Press, Los Angeles, 2006), met een uitgebreid voorwoord van Collins waarin hij de geschiedenis van zijn grap uitgebreid verhaalt en met een nog langere inleiding van de uitgever, waarin omslachtig verteld wordt hoe grappig dit allemaal is en hoe knap, ja zelfs poëtisch, vele paradelles zijn, maar het blijft niettemin een uiterst vermoeiend boek om te lezen.

Mijn voorbeeld rijmt, maar daar is meestal geen sprake van en het wordt ook niet voorgeschreven, evenmin als metrum.

En die herhaling van de eerste regels maken de meeste dodelijk vermoeiend te lezen en de laatste strofe eindigt meest in wartaal, wat soms inderdaad de gedachte van Poëzie oproept.

Een enkeling weet er nog wat van te maken (I try never to repeat myself / I try never to repeat myself) en één slimmerik (Henry Sloss) introduceert de Paradello (‘Deze 10e eeuwse Italiaanse vorm bestaat uit 3 strofen van elk 4 regels. De regels 3 en 4 van de eerste 2 strofen bevatten alle woorden van de eerste 2 regels en alleen die en maar eenmaal. De derde strofe bestaat uit alle woorden die in de eerste 2 gebruikt zijn en ook alleen die en eenmaal. Dit is de originele vorm, waarvan de Provençaalse paradelle, waar de eerste twee regels herhaald worden, een gedegenereerd aftreksel is’).

Zijn paradello leest een stuk lekkerder weg en is ook van de weinigen die tamelijk coherent zijn:

 

The old texts teach us life is wretched.

Youthful students do not agree.

Students agree the wretched old texts

Do not teach us life is youthful.

 

Perhaps they’re right, the stupid kids.

Only the wise know wretchedness.

The right kids – perhaps they’re the wise –

Know only wretchedness stupid.

 

The texts do not teach students wretchedness.

The wise wretched old, the youthful stupid kids

(They’re us, agree?)

Know only life is right, perhaps

 

Een andere slimmerik maakte er  een bluesnummer van  (I woke up this morning, and I had those Georgia blues / I woke up this morning etc.) maar eindigt ook in : ‘I did? I had? How? I remember I was in this bed. (But whose?)/ You were there, right?” Yes, ice and conversion for the blues’, om zijn overtollige woorden kwijt te raken.

Die laatste strofe,daarover breken de meeste hun nek en deze van Dan Giola is dan wel een van de meest geslaagde.(Ik laat de herhaling van de regels hier gewoon weg, scheelt een hoop):

 

Diana Giola (Translated by)

 

The Shepherd’s Paradelle

(from the 17th century Spanish of Miguel Ortiz)

 

I spied Diana bathing in the spring.

Her bright gold hair fell down her naked back.

Back in the spring I spied her naked – Diana –

bathing her bright gold hair. Down I fell.

 

My memory of her laying in the sun

Makes my cold bed burn like the martyr’s pyre

Lying in my martyr’s bed, my pyre,

The memory of her makes the sun burn cold.

 

O Holy Virgin, save me from my dreams!

That rage in darkness like the fires of hell!

O Holy Virgin, save me from the fires

That in my dreams of darkness rage like hell!

 

Diana bathing! The dreams of her gold hair

Rage like a holy fire in my cold bed.

Lying down, I burn in the darkness

From her bright memory. Like the spring sun

I spied her, fell in a martyr’s pyre.

O naked virgin, save me from my hell!

 

Als iemand een poging wil wagen met dit stukje opperlands, mag i k hem of haar aanraden de paradello te nemen. Rijm maakt het natuurlijk extra lastig, maar wel leesbaarder - als je slaagt.