De wereld schijnt wat lichter van geluid
Een echo golft langs dikbesneeuwde bomen
Gelach, gegil, twee kinderen onderuit
De winter is dit jaar al vroeg gekomen

Breed glimlachend maak ik de beelden buit
En voel hoe snel mijn bloed begint te stromen
In plaats van hier te staan, achter de ruit
Had ik graag aan de sneeuwpret deelgenomen

Voor even weer het spelend kind van tien
Dat onvermoeibaar hapt naar witte vlokken
Ik weet dat dit niet kan en bovendien

Daar buiten is het koud en kil en guur
Ik accepteer het verder zonder mokken
En werp een laatste houtblok op het vuur

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

4 Staatslieden: Troelstra (1860 - 1930)

Zijn vrouw strijdt tegen hem een zware strijd.
Als echtgenoot is hij een potentaat
die vrouwen ziet als koffieautomaat
maar wel op zondag de rollade snijdt.

Die kamerbreed om recht voor allen pleit,
(wat hij z’n vrouw in wanhoop wensen laat)
en voor de macht van ’t proletariaat
als onafwendbaar socialistisch feit.

Met: ”Heren, ‘t stelsel is vermolmd en rot”,
roept hij in ’t parlement de opstand uit.
Dat loopt hoog op. De spanning is te snijden.

Helaas, de staatsgreep is een zwaktebod
omdat hij in z’n stappenplan niet duidt
hoe je, wie al bevrijd is, moet bevrijden.