Hier het facsimile van het handschrift van Piet Paaltjens (F. Haverschmidt) met een minder bekend gedicht uit 1849, een onafgemaakt sonnet:  Aan Janus Sand.
Het lijkt de redactie een aardige uitdaging ( we vragen ons wel eens af:  hoe kómen we er toch op!) dit sonnet af te maken na al die jaren.
Hier de tekst:

Naauw groet de morgenzon de garentwijnderijen
En zijfabrieken van het tierig Elberfeld,
Of, geel van minnepijn aan ‘t eenzaam dons ontsneld
Zit aan der Wupper boord Louise om Sand to schreijen.

En naauwlijks werpt de maan haar bleeke straal o Leijen,
Of Janus Sand laat, door het foltrendst wee gekneld
Een breeden tranenstroom met toomeloos geweld
Om zijn Louise langs de holle kaken glijen.

Weerhoudt die tranen niet, o wreedgescheiden paar
Zij zijn de zoetste troost, die u op aarde bleef,
Sinds de arm der politie u van elkander dreef!

Welligt ...............................................................….....
.....................................................................................
......................................................................................

Let er wel op dat in de laatste afgemaakte regel niet  'politic' maar 'politie' staat; laat je niet van de wijs brengen door websites waar dat anders staat.

 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Tussenstop

hiker
Pixabay
 
 
In kerk en museum, café en kantoor
heeft men de gewoonte toiletten te bieden,
de stoelgang kan daar hygiënisch geschieden,
je doet je behoefte en dan trek je door.

Maar in de natuur gaat beschaving teloor,
de wandelaarsnorm is bedenkelijk losjes:
je kijkt om je heen en je duikt in de bosjes,
je doet je behoefte en dan trek je door.