Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Het regent en daar komt een zombie,
Weer keert dat monster en belaagt
Het hart tot bloedens toe, alsof die
Geen heimelijke pijnen draagt.

En uit diens kamer, vol met gaten,
Waar dagelijks leven werd verricht,
Gulpt reeds het rode bloed gelaten
Doorheen gekleurd namiddaglicht.

De zombies gaan zoals zij gingen,
Er is allengs geen onderscheid
Meer tussen zombie-erinneringen
En wat beleefd wordt als ie bijt.

Verloren zijn de laatste wegen
Om te ontkomen aan de strijd;
Altijd die zombies, altijd regen,
Altijd dit dode hart, altijd.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Lenteliefjes

Ze raken  niet, hun speelse twijgen,
beroeren slechts dezelfde lucht.
Doch heen en weer gaat bladgerucht,
een zomer lang zal het niet zwijgen.

In herfstig loof, hoor hoe zij zucht,
de eik ziet haar naar hem toe neigen.
Ofschoon de maanden dagen rijgen,
draagt al haar pogen nimmer vrucht.

Hoe moet zij hem toch overtuigen
- wijl winter door hun kruinen blaast -
om ook een tak naar háár te buigen?

Maar dan schenkt lente hem nieuw blad
en één ervan kust 't blad ernaast
wiens groen komt uit een ander bad!

 

Er bestaat ook een gezongen versie van dit sonnet, te beluisteren op http://veradebrauwer.punt.nl/