WAT JAMMER, sprak Veronica, ons landje wil niet deugen.
Ze zaten met z’n allen bij het grote plasmaskrien.
Al tien uur zit de Kamer hier te stikken in een leugen;
ik ga echt nooit meer stemmen hoor, ik heb het wel gezien.

Nou schaap, spraken de dames Groen, wij kunnen u vertellen,
het is voor ons genieten hoor, zo zie je nog eens wat.
Wij houden wel van slimme taal en leuke woordenspellen.
Beschaving? Nee u hebt gelijk: het beeld is wel wat plat.

Zo’n woordje als “herinnering”; “notitie van memorie”,
daar kunnen wij gezamenlijk weer uren mee vooruit.
Het gaat niet om de inhoud want hier telt slechts eer en glorie
We spelen ook vaak skrebbel en het gaat ons om de buit.

Jaa, skrebbel! Riep de dominee, wilt u het bord wel zoeken?
Daar is veel meer te halen dan een beetje dividend.
Wie deelt de letterblokjes uit? Ik pak de woordenboeken,
we spelen voor het nieuwe orgel; elke punt een cent.

Maar dominee! Waar zijn uw hoge normen en uw waarden?
Ons schaapje keek verbaasd op naar de oude predikant.
U hebt gelijk, zij hij bedeesd, ook ik kan soms ontaarden…
Ik kan mij ook wel vinden in een potje triviant.

Het scherm ging op stend-bij en er kwam sprits en koffie-hag,
het viertal ging toen over tot de orde van de dag.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De Schreupel & de Friep


 
Op een woensdag in de winter
zei de Schreupel tot de Friep:
‘Lieve help, er zit een splinter
in het knargje van mijn kniep!’
 
Fluitend greep de Friep een leupel
(want hij was een handig tiep)
maar de Schreupel kon geen bloed zien
dus die deed alsof hij sliep.
 
‘Zet je schrap! Nu even bukken...
Eén twee drie!’ – en met een zwiep
vloog de splinter uit het knargje,
in het neusgat van de Friep.
 
‘Au! Hatsjiep! Hatsjoep! Hatsjiep!’
En de Schreupel kreeg de leupel
in vijf stukken op zijn kniep
waardoor hij die hele winter kreupel liep.
 
 
(Uit Er zit een feest in mij, Querido’s Poëziespektakel 5, 2012 - zojuist herdrukt)