Dit is een chant royal, té lang gedicht
Ik zit er ernstig tegenaan te hikken
(Wie Polzer volgt, is hiertoe toch verplicht
Ik schrijf wel, en u heeft zich slechts te schikken)
Vooruit dan maar: het Kerstfeest komt eraan
Daarover zal het zestig regels gaan
Gelegenheid genoeg om uit te wijden
En u met rijm en ritme te verblijden
- Dat is het doel: dat ik u amuseer
De boodschap van dit vers is maar bescheiden -
Het wordt weer Kerst: wat viert u deze keer?

Men noemt het Kerstfeest ook wel 'feest van licht'
Waxinelichtjes, kaarsen, van die dikke
Die uren branden, warm op uw gezicht
De vlammetjes weerkaatsend in uw blikken
Maar waar komt toch die sterke drang vandaan
Naar meer licht dan van sterren, zon en maan
Die ons steeds voortdrijft in dit jaargetijde?
De duisternis die wij het liefst vermijden
Het donker in ons hart, dat ons steeds weer
Herinnert aan de kou en leegte beide
Het wordt weer Kerst: wat viert u deze keer?

Blijft u rond Kerst nog op uw streefgewicht
Of moet u op de weegschaal even slikken?
Met Kerst wordt er een feestmaal aangericht
- Ja hoor, ik zie u al de lippen likken! -
Fondue, gourmet of een gebraden haan
De restjes mag u rustig laten staan
Zo gaat dat steeds, van Assen tot Ameide:
Uw rijkdom uitgestald op tafelzijde
En schaamt u zich beslist niet al te zeer
Dat u rond Kerst zo vreselijk uitdijde
Het wordt weer Kerst: wat viert u deze keer?

En bij de boom cadeaus aan u gericht,
Met van die wollen truien die zo prikken
Misschien een pakje voor uw achternicht
Met glühwein en wat chocoladeflikken
En voor de kinderen een knikkerbaan
Of, als ze ouder zijn, een Lego-kraan
Waar ze gegarandeerd om zullen strijden
- die arme speelgoedkraan heeft zwaar te lijden -
Tot u ze scheidt, van vrede spreekt en meer
Het speelgoed uit hun greep weet te bevrijden
Het wordt weer Kerst: wat viert u deze keer?

Met Kerst klinkt er voor één keer dit bericht
Van rust en vrede, zelfs voor slechteriken
Geen compagnie die nu nog onrust sticht
Geen burger hoeft in Kerstnacht op te schrikken
Och, deze dagen leeft men in de waan
Dat vanaf Kerst het vechten is gedaan
Geen oefeningen dus in bos en heide
Want niemand gaat zijn grondgebied uitbreiden
En heel het leger legt de wapens neer:
Vanavond even geen patrouilles rijden
Het wordt weer Kerst: wat viert u deze keer?

Als dat het is, bent u niet te benijden
Vergeet niet wat de engelen ons zeiden:
Het Kerstfeest is de komst van onze Heer!
Hij dicht de kloof die ons van God steeds scheidde!
Het wordt weer Kerst: wat viert u deze keer?

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

We zijn er nog



De Hunnen stonden weer eens voor de wallen
Wij stelden ons dus als vanouds teweer 
Je zag ze vuil en smerig samenballen 
Ze gingen ruw en onbeschaafd tekeer
We keken op de Hunnenhuigen neer 
Het was een onophoudelijk getier 
Met veel gespot en duidelijk gesneer 
Maar goed - zij waren daar; wij waren hier


De poort was dicht, het valwerk was gevallen
Het wachtwoord (‘Dikke lul’) niet geldig meer
En al die ongewassen duizendtallen
Geleid door een zeer ongelikte beer
Die stonden daar dus op hun veld van eer
Massaal voor aap, het deed ons eerst geen zier
Al zwaaiden ze ook brullend met hun speer
Want ach – zij waren daar; wij waren hier


Toch werd het onplezierig voor ons allen
De voedselvoorraad leed aan wanbeheer
We aten eerst de paarden in de stallen
En deelden toen de laatste rotte peer
De conversatie werd bedrukt gelamenteer
De dorst verlamde onze speekselklier
Geen hulp in zicht, per trein of met het veer
Want tja – zij waren daar; wij waren hier

O lezer! Dat ik weer communiceer
Met in mijn hand het Vrije Versbanier 
Bewijst wel onze moed in deze sfeer 
De Hun trok af naar dáár, wij zijn nog hier!