Hij
Ik mag haar zo graag gadeslaan.
Och als u toch eens wist …
Mijn zwoele vrouw, mijn stoeikompaan.
Ik mag haar zo graag gadeslaan.
En altijd heeft zij klaargestaan,
mijn mooie masochist.
Ik mag zo graag mijn gade slaan.
Och als u toch eens wist …
Zij
Ik ben nu helemaal ontdaan.
Wat heeft hij zich vergist …
Ik vind er echt geen bal meer aan.
Ik ben nu helemaal ontdaan.
Aan alles heb ik blootgestaan,
die smerige sadist.
Ik heb mij nu van hem ontdaan.
Wat heeft hij zich vergist …
Dit is een van de gedichten die ik voordroeg op Lichtvoetig IX