Zeg, vroeg het schaap Veronica, zou ik mijn vacht bederven
Wanneer ik in een winkel waar men nu dat spul verkoopt
Een bus oranje verf koop om mezelf daarmee te verven?
En word ik dan een kuddedier dat in de massa loopt?

De dames Groen verzuchtten: Och wat stelt u rare vragen!
Waarom toch zou u zoiets doen? U heeft zo’n mooie vacht!
U zou uzelf, zo menen wij, als schaap enorm verlagen
En dat is iets wat wij van u echt nooit hadden verwacht.

Maar beste dames, sprak het schaap, u wilt toch niet beweren
Dat u niet snapt waarom ik nu die vragen aan u stel.
Inmiddels hult half Nederland zich in oranje kleren.
Ik vraag het aan de dominee, die snapt mij zeker wel.

De dominee kwam desgevraagd Veronica bezoeken.
Hij bracht een grote toeter en oranje slingers mee.
Die hing hij in haar kamer met punaises in de hoeken.
En zei: het verven van uw vacht vind ik een puik idee.

Op zoveel enthousiasme had het schaap niet echt gerekend.
Ze werd er in haar schapenhart wat zenuwachtig van.
U bibbert, sprak de dominee, ik vrees dat zulks betekent
Dat u bij nader inzien toch weer afziet van uw plan.

Da’s spijtig voor Oranje, want als u het niet wilt doen
Dan worden onze jongens vast geen wereldkampioen.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De held van Labbertong III

Hoewel hij ruim voldeed aan de prestatienorm
Was het de trainer die, al na een week of tien,
Ten slotte koos voor een behoudender stramien
Zie daar, de opmaat voor een turbulente storm

Want “Rem” beschouwde zich nu juist als een artiest
En niet een simpel te bespelen marionet
‘Zo’n rol als goaltjesdief beperkt me tot en met,
’t Is tijd om te verkassen’, klonk het koel maar triest

Daarbij kwam nog hetgeen hij daar in Alphen miste
De weidsheid van het boerenland, de geur van mest
En ja, natuurlijk ook zijn Labbertongse maten

‘Dàg “Zerk en Tranen” met je autovrije straten
Dàg Ridderhof en nog een welgemeend protest
Tegen de onvermijdelijke ramptoeristen’