Nu alle drie mijn kinderen er wonen
Op kamers ginds in mijn studentenstad
Herleeft de mooie tijd die ik er had
En wil ik haar mijn liefde nogmaals tonen.

O Nijmegen, ik wil jou graag bekronen.
Al werd dan de relatie ook een LAT
Toch wil ik jou hier laten weten dat
Ik nooit een stad zag die jou kon onttronen.

Ik woonde vier jaar lang in Brakkestein
En daarna nog eens vier jaar op drie plekken
Maar zelfs in Dukenburg had ik het fijn.

Wat ik toen in die jaren mocht ontdekken
Bleek later steeds een rijke bron te zijn.
Ik zal nooit echt uit Nijmegen vertrekken.  

(Uit de nieuwe bundel Mooi van...)

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Sonnet voor Tichelaar



Het slobbert wat in iets te ruime pakken
zijn lichaam en de schepper van zijn kop
deed daar twee forse kaken onderop
zodat de zaak gewichtig lijkt te zakken

De poten, ongeschikt voor hoge hakken
gaan wonderlijk lichtvoetig in galop
op weg naar weer een politieke top
de biotoop van ware Dickerdacken

Maar liever drijft hij onbekommerd rond
en ligt hij als een idioot in bad
wat orendraaiend om zich heen te gluren

Hij wentelwiekt het staartje om zijn kont
en koestert het als heimelijke schat
dat hij dat ding op afstand kan besturen