Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

De poëzie van peuken op een bord
Van korsten brood, verschimmeld in een hoek
Van stapels oud papier, haast ingestort
Dat is wat ik in dit gedicht niet zoek

Het beeld van noodweer, kletterend maar kort
Van een nog uren klamme spijkerbroek
Van schoenen waar het nooit meer droog in wordt
Dat is wat ik niet schilder op mijn doek

Maar lammetjes, geboren in april
Een rode roos zojuist in volle bloei
De blauwe lucht, een spelend kind, een lied

Dat is toch ook weer de bedoeling niet
U ziet: ik raak behoorlijk in de knoei
Nu ik wel dicht, maar niet veel zeggen wil

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De aftrap

zwemmen

de zon begroet me met haar lentestralen
het jaarlijks ritueel gaat zo van start
de plas ligt aan mijn voeten, stil en zwart
maar geen getreuzel, niet meer langer dralen
 
de knopen in mijn schouders zijn verward
door de seizoenen die mijn geest verschralen
en als ik spring, na héel diep ademhalen
slaat mij het water ijskoud om het hart
 
mijn hersens knallen pijnlijk uit mijn kop
beloning wacht, het juk moet afgegooid
dus ik zet door en bikkel, unverfroren
 
mijn lichaam soebat, smeekt, gebiedt me: stop!
een paar minuten…dan ben ik ontdooid
en als die Venus op haar schelp: herboren!