kerstseizoen
Flickr.com
 
M
Gestoord word ik van al die zoete groeten
Al was ik eerst nog best wel enthousiast
Na vijftig kaarten wordt het wel een last
Een leuk gebaar ontaardt in heilig moeten
 
Ik laat me hoe dan ook vandaag niet kennen
M’n hand is lam maar ik ga door met pennen
 
1
Gestoord word ik van al die zoete groeten
Gelukkig kerstfeest en een fijn nieuw jaar
Een vrolijk uitzwaaifeestje met elkaar
Ik toast op bitcoin en op rentevoeten
 
Die geldverwijzing is wat ongepast
Al was ik eerst nog best wel enthousiast
 
2
Al was ik eerst nog best wel enthousiast
Voor wat betreft de lengte van mijn lijstje -
Want met een grote vriendenkring bewijs je
Dat jij wel meetelt als sociale gast -
 
En bij de veertig nog steeds lettervast
Na vijftig kaarten wordt het wel een last
 
3
Na vijftig kaarten wordt het wel een last
Als al die wensen met hun kerstcadansen
Geheel verstoken blijken van nuancen
En mijn verlamde hand de zinnen krast
 
Het is van kaart naar kaart nu enkel wroeten
Een leuk gebaar ontaardt in heilig moeten
 
4
Een leuk gebaar ontaardt in heilig moeten
Dus waarom stop ik niet met dit gedoe
Ik ben die valse kerstimpressies moe
Een spar met sneeuw, een egeltje met sproeten
 
Al heb ik nog m’n buik zo vol van dennen
Ik laat me hoe dan ook vandaag niet kennen
 
5
Ik laat me hoe dan ook vandaag niet kennen
En zorgt het eenenvijfstigste tableautje
hier op de zijkant van dit vingerkootje
nog voor zo’n dikke blaar; het zal wel wennen
 
Ik sta niet toe dat iets mij nog zal jennen
M’n hand is lam maar ik ga door met pennen
 
6
M’n hand is lam maar ik ga door met pennen
De bode is als Santa uitgedost
En onderbreekt mij met een lading post
Hij wenkt en maant mij naar hem toe te rennen
 
De honderd kaarten zijn ook honderd knoeten
Gestoord word ik van al die zoete groeten
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Tilburg draagt een steentje bij



Tilburgs Sonnet

Na de sonnettenkransenkrans, en – gestoeld op het idee van Peter Knipmeijer – het Utrechts Sonnettentrio, verzonnen Martijn Neggers en ik heden, vrijdag negen december, een nieuwe dichtvorm: het Tilburgs sonnet. Er zijn acht spelregels om een Tilburgs sonnet te schrijven. Aangezien jullie uiteraard meteen aan de slag willen, en wij de beroerdsten niet zijn, hebben we vast vier voorbeelden geschreven, om je in te lezen. Succes!

 Tilburgse sonnet

  1. Het metrum is de jambische pentameter
  2. De eerste drie versvoeten van regel 1 zijn de laatste drie versvoeten van regel 14.
  3. De laatste twee versvoeten van regel 13 zijn de eerste twee versvoeten van regel 14.
  4. Regel 14 staat op zichzelf en is een soort conclusie. Eigenlijk zou deze regel gewoon weg kunnen, dan krijg je een sonnet van 13 regels.
  5. De strofebouw is als volgt: kwatrijn, terzet, terzet, terzet, monostichon.
  6. Er is geen vast rijmschema. Het kwatrijn heeft bij voorkeur omarmend rijm, de overige strofen zijn helemaal vrij, (een rijmschema als cde cde cde is mogelijk, of ccd eed ffd). De laatste regel hoeft niet te rijmen op een van de vorige regels.
  7. Het moet een klaagzang zijn.
  8. De titel heeft maximaal vijf woorden en moet de letters t, i, l, b, u, r en g bevatten.

Thuis regent het leven beter

Wat ik je brom, meneer: de bedden kraken,
het bier was schraal, het brood was taai en oud.
Het rookhok stonk en was nogal benauwd
en ook de obers bleven maar verzaken.

En zelfs de huisgemaakte uiensoep
was met een liter maggi niet te nassen;
het gaf me ’s nachts een lauw en wee gevoel.

Ik leef mijn leven niet boven een loep,
maar, lakens, kussenslopen, ongewassen?
Is dit nou ‘Horeca, en kein geloel?

Men is er doof voor ieder boe-geroep…
Het liefst zou ik eergister nog verkassen!
Kortom, het blijft me een gênante boel.

Genante boel, wat ik je brom, meneer.

Martijn Neggers

Luid gezeur en brute genen

Zowat de hele dag is er gezeik:
van hier te breed en daar te lang, en zus
en zo, de trein rijdt niet en ook de bus
is er steeds niet, wat zijn dat voor praktijk-

en? Waarom blijf ik maar zo snipverkouden?
Wat is dit nu weer voor een weersomslag?
Verdomme, alles is te veel gevraagd.

Maar laten we het nu gezellig houden.
Wat heb ik aan dit vreselijk gedrag?
Want alle rust wordt zo meteen verjaagd

met ja en nee, en dat in twintigvouden.
Het is vooral ook heel veel zelfbeklag
van haar, je ma. Je moeder klaagt.

Je moeder klaagt zowat de hele dag.

Bas Jongenelen