De Hunnen stonden weer eens voor de wallen
Wij stelden ons dus als vanouds teweer 
Je zag ze vuil en smerig samenballen 
Ze gingen ruw en onbeschaafd tekeer
We keken op de Hunnenhuigen neer 
Het was een onophoudelijk getier 
Met veel gespot en duidelijk gesneer 
Maar goed - zij waren daar; wij waren hier


De poort was dicht, het valwerk was gevallen
Het wachtwoord (‘Dikke lul’) niet geldig meer
En al die ongewassen duizendtallen
Geleid door een zeer ongelikte beer
Die stonden daar dus op hun veld van eer
Massaal voor aap, het deed ons eerst geen zier
Al zwaaiden ze ook brullend met hun speer
Want ach – zij waren daar; wij waren hier


Toch werd het onplezierig voor ons allen
De voedselvoorraad leed aan wanbeheer
We aten eerst de paarden in de stallen
En deelden toen de laatste rotte peer
De conversatie werd bedrukt gelamenteer
De dorst verlamde onze speekselklier
Geen hulp in zicht, per trein of met het veer
Want tja – zij waren daar; wij waren hier

O lezer! Dat ik weer communiceer
Met in mijn hand het Vrije Versbanier 
Bewijst wel onze moed in deze sfeer 
De Hun trok af naar dáár, wij zijn nog hier!

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Waarheid



verberg je hart en ziel; in lijnen, strak
gespannen ligt het lang vergeten wrak
van waarheid die alleen in leugens schuilt
en luister niet naar wie met wolven huilt

ook jij, die strijdbaar en zo moedig bent
hebt geen idee van welke mens haar kent
of waar te zoeken in een schaduwvlek
van goed of diepste kwaad, je weet geen plek

ze houdt zich dood voor ieder die haar zoekt
alleen hij die zichzelf niet meer vervloekt
heeft kans haar aan te treffen in een oord

waarin geen ruimte is voor goed en kwaad
de eenzaamheid en niets dan dat bestaat
en jij, de schrijver, wachtend op een woord


Losjes gebaseerd op Friedrich Nietzsche, Jenseits von Gut und Böse.