Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft



Als tante kwam, begon ik vaak te beven,
want proper als mijn tante was er geen.
Afkeurend keek zij altijd om zich heen,
alsof ik in een zwijnenstal zou leven.

Haar vinger gleed vakkundig langs de lijsten
en kwam dan zwaar bezoedeld weer omhoog
waarna die wuivend voor mijn blik bewoog,
want wei... nee, niets voldeed aan haar vereisten.

En soms, na uren sloven, schrobben, sjouwen,
leek er geen enkel vuiltje aan de lucht,
dan slaakte tante toch een diepe zucht
en wees mij op de vegen op mijn mouwen.

O tantelief, zo proper en integer,
nu rest er niets van u dan stof en as.
Maar toen u uitgestrooid werd over 't gras,
greep ik werktuigelijk naar blik en veger.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Mathematrucs

Het cijfer één heeft dus drie letters,
maar drie heeft er dan zelf weer vier.
Vier klopt! Daarna gingen die etters
Bezuinigen op het papier.
En honderdelf dat is één woord,
maar duizend één: dat zijn er twee!
De logica in taal gesmoord ...
het Groene Boekje: weg ermee!
Ach, rekenaars zijn ook niet wijs:
honderdelf binair geschreven,
dan gaat de wiskunde op reis
want dat is dan gelijk aan zeven.
Het toppunt van het gekkengaatje:
de Powerpointers, witte boorden!
Die roepen bij hun laatste plaatje
dat dát meer zegt dan duizend woorden.