Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

dankkoekoek
 
Een boer beperkt zich meestentijds tot zwijgen
Maar staat hem wat Den Haag bepaalt niet aan
Dan denkt hij: ‘Zal ik eens de boer op gaan
En kijken of ik ze ook om kan krijgen’
 
Hij gaat dan in colonne met de trekker
De snelweg op met al dat spitsverkeer
Gezellig met collega’s in de weer
Zo’n dagje uit is eigenlijk best lekker
 
En aangekomen in de grote stad
Heeft hij de tractor keurig neergezet
De pet gaat af hij vraagt beleefd belet
Gewoonlijk loopt een boer de deur niet plat
 
Dan klinkt de invitatie ‘Kom maar binnen
Maar klompen uit en niet teveel rumoer
En ook geen stro en rommel op de vloer
Want anders kan de werkster wéér beginnen’
 
Er wordt beschaafd en rustig overlegd
En iedereen krijgt kans om uit te praten
En aan het eind zegt Provinciale Staten:
‘U heeft het luid en duidelijk gezegd
 
Wij komen u natuurlijk tegemoet
En excuseer we willen onderstrepen
Dat er door ons foutief is ingegrepen
Dus goede reis, wel thuis, tot ziens, gegroet
 
Wat hebben wij van gisteren geleerd?
Ons land wordt boerocratisch geregeerd
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

De slang (Genesis 3:14)





God schiep in den beginne twintig poten aan de slang
Het lijkt wat ruim bemeten maar zo’n beest is aardig lang
Dat aantal bleek noodzakelijk om recht te kunnen staan
En tevens om van 't aardse slijk en modder vrij te gaan

Ook kreeg de slang als enig dier beheersing van de spraak
En wat -ie te vertellen had was af en toe goed raak
Iets minder dan De Jonge of collega Youp van ’t Hek
Toch kwam er slimme taal uit zijn gespleten slangenbek

Maar op een dag toen werd de slang een beetje eigenwijs
Hij smeerde Eef -De Appel- aan in ’t aardse Paradijs
De Heer ontstak in grote toorn, heeft hem de bek gesnoerd
En ook zijn poten afgehakt, dat vond-ie heel beroerd

Sindsdien sleept hij zijn buik door alle aardse gorenis
En van zijn spraak bleef niets dan slechts wat moedeloos gesis