Het vrije vers

Bevrijd van vormloosheid

Omdat light verse lééft

driekstrikkl

Hier in jouw stad, aan tafel in 't café
Had Magere Hein zich echt geen raad geweten
We hadden hem de Sleutel uitgesmeten
Hij kreeg je om de dooie dood niet mee
 
En was de deur dan stevig dichtgedaan
Had jij weer op het leven kunnen klinken
Nog eentje om de pieren te verdrinken
Zoals het al die keren was gegaan
 
Wat moest je nou toch ook in Isfahan
Jij had dat van die tuinman moeten weten
En dat de dood dat vers niet was vergeten
En hij je spoorslags achterna zou kunnen gaan
 
Nu blijven wij hier achter als publiek
Dat jij zo kon ontroeren en vermaken
En ik wist niet dat dit me zó zou raken
Want dat je weg bent, dat doet pijn hoor, Driek.
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Terug naar Texel



Soms denk ik dat mijn eerste lief
-die plompverloren binnen dreef-
haar kroontjespen, die achterbleef
vergat toen ze haar stem verhief.

Die zomer lang, een nest gebouwd
in zand waar meeuwen om ons lachten.
Zij wisten wel van waterkrachten.
Het kerend tij was hen vertrouwd.

Soms denk ik aan die laatste dag
toen woorden dropen van de regen
en liefde stierf bij donderslag.

Hoe schielijk werd de wilde zee
teruggetrokken en verlegen.
Zij ebde weg van lieverlee.