Niels Blomberg geniet van het vuurwerk in zijn achteruitkijkspiegel


Dactylus-priemgetal
tweeduizendzeventien,
dit wordt een jaar
dat mij nu al bekoort,

want voor het eerst sedert
negentiennegentig
is het een
ollekebollekewoord.

Twee jaartjes wachten nog:
tweeduizendnegentien,
weer zo’n olbol-woord;
dat laat me niet koud.

Dan wordt het wachten tot
tweeduizendzeventig.
Ik word dat jaar
honderdtwaalf jaren oud.

Zou dat nog haalbaar zijn,
tweeduzendtachentig?
Dat wordt toch werkelijk
lastig voor mij.

Zes eeuwen lang is na
tweeduzendnegentig
dubbel-dactylische
rijmpret voorbij.

Hoe is mogelijk!
Zes eeuwen wachten nog!
Ach ik begrijp uw
verbijsterde schreeuw.

Even geduld tot de
zevenentwintigste
en tot de
negenentwintigste eeuw.

Terug naar het heden nu.
Vorig en volgend jaar
hebben iets aardigs
in petto zowaar.

Wij leven thans na het
tweeduizendzestiende
en vóór het
tweeduizendachttiende jaar.

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Leeftijd

driekstrik
WikiMediaCommons, bewerking © IB
 
Jij bent als mens te oud van jongs af aan:
Te oud voor moederborst en kinderwagen,
Te oud je kleine zusje zo te plagen
En er in drift eens lekker op te slaan.
 
Je bent te oud, klinkt telkens het vermaan:
Te oud jezelf als losbol te gedragen,
Te oud voor kroegbezoek en rokkenjagen
En alles wat je graag nog had gedaan.
 
En ook voor hypotheek en staatstoelage,
Een snelle auto en een nieuwe baan
Steeds ben je zogezegd te oud van dagen. 
 
Maar als je laatste uur ooit heeft geslagen
Dan ziet men zwartomlijnd geschreven staan:
Te jong - hij was te jong om heen te gaan. 
 
 
Op 12 juli 1943 werd Driek van Wissen geboren.
Dit gedicht is geplaatst met toestemming van de weduwe van Van Wissen, Corien Bleeker, waarvoor de redactie haar hartelijk dankt.
Uit: De Dichter des Vaderlands. Zijn mooiste gedichten gekozen door Jean Pierre Rawie (Nijgh & Van Ditmar, 2005).