Een natte vlam, een vonk, geel-blauw gekleurd:
De vis met tomeloze schoonmaakdwang.
Alles moet schoon. Het is er een gedrang
van grote vissen wachtend op hun beurt.
 
Zelfs voor een haai of rog is hij niet bang.
Hij is dompteur en zwemt hun bek in, speurt
naar etensresten, al wat hen besmeurt.
In trance keert het beest hem de andere wang.
 
Ik ben zo’n poetsvis. Ieder nieuw gedicht
waarin ik steeds mijn innerlijke stem toon,
wordt eindeloos gepoetst en doorgelicht.
 
Ik zwem langs het gedicht en neem een hapje,
spuug het weer uit; verkeerde klank of klemtoon.
Ik ben geen snelle dichter dus, dat snap je.
 
 
Vandaag herdenken we Patty Scholten 25-1-1946 - 15-3-2019
(Uit: Een tuil zeeanemonen,  Uitg. Atlas 2000)
 

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Beweegt



Beweegt u niet te veel, zei -leuk- de zuster
Hij lag van top tot teen in gipsverband

’t Was leuk bedoeld, maar ‘t maakte hem bewuster
Dat hij gekleefd was aan het ledikant
Je zal toch door zo’n mens worden verpleegd

Een stuurfout van een vrouw in haar Trabant
Ze had hem met zijn fiets van straat geveegd
Ze reed nog zelf, die honderdzevenplusster
De vraag rijst wat zo’n omaatje beweegt.