Deze versvorm werd begin eenentwintigste eeuw geïntroduceerd door Frits Criens en wordt nu op kleine schaal toegepast door andere dichters.

Het douzijn is een twaalfregelig gedicht bestaande uit twee vijfregelige strofen en tot slot een ditichon. De eerste strofe wordt in de tweede strofe gespiegeld.


Rijmschema

abaab babba cc


Overige informatie

Zeer fraai om te maken. De eerste tien regels hebben slechts twee rijmklanken, daardoor klinkt deze vorm erg fraai. Het distichon aan het slot vraagt om een puntige afsluiter.

Als u verslingerd raakt aan deze vorm, maar ook ideeën heeft die u niet met een distichon kunt kunt afsluiten is het 10/4 sonnet een optie.


Meer informatie

Zie www.fritscriens.com


Voorbeeld

Afvalrace

Vandaag kwam ik mijn ex op fitness tegen
Het eerste weerzien sinds een jaar of tien
Zij was niet echt tot een gesprek genegen
Haar nieuwtjes waren hopeloos belegen
En zij was erg afwezig bovendien

Haar huid leek een gedroogde appelsien
En had een vale lijkenkleur gekregen
Van ronde vormen was niets meer te zien
Was zij intussen ernstig ziek misschien
Hoeveel, vroeg ik me af, zou zij nog wegen

Ze leek wel terminaal, de arme stakker
Maar zei, toen ik dat vroeg: Ik sonjabakker

(Frits Criens, uit De Tweede Ronde, zomer 2007)

Log in

Gebruikersnaam en wachtwoord:

Zoeken

Forum Recent

Uit het archief

Een reisje naar de zon (Tripel)



Een vrouw bad haar man om wat zon
“Ik zit op zo’n reisje te vlassen
Ik wil naar een Zwitsers kanton
Valt daar soms een mouw aan te passen?”

Wat zon vroeg de vrouw aan haar man
“Wil jij me soms helpen verrassen
Montreux lijkt me echt een leuk plan
Een tocht door de Zwitserse passen”

De man bracht de zon bij zijn vrouw
Hij zeulde met koffers en tassen
Met om de bagage een touw
Want zonder dat wou het niet passen

De vrouw bad om zon bij haar man
“’t Wordt tijd uit dit land te verkassen
De kou doe ik mooi in de ban
Daar wil ik voorlopig voor passen”

De man bracht zijn vrouw naar de zon
Vertrekpunt was treinstation Assen
Ze stonden daar op het perron
En checkten papieren en passen

De zon dacht de man van die vrouw
Schijnt strakjes op al haar terrassen
En ik blijf hier thuis in de kou
Al vond hij dat denkbeeld niet passen