Gisteren was het 106 jaar geleden dat Drs. P in het Zwitserse Thun werd geboren als Heinz Hermann Polzer. Het Zwitsers sonnet is een van de door hem bedachte versvormen.
Als bloedzuring zuiverend werkt op het bloed, als longkruid je weerstand een stuk kan verhogen, als ogentroost rust biedt aan brandende ogen, als hartgespan helpt bij een somber gemoed,
als maagdenpalm tegen bevruchting behoedt, als passiebloem hartstocht spontaan doet ontvlammen, als heelkruid ontstekingen in weet te dammen, dan ben ik benieuwd wat een lidcactus doet.
Uitzichtloos lijden
Herhaaldelijk geeft Bernadet een signaal: ‘Mijn leven wordt steeds meer een uitzichtloos lijden, jij hebt het vermogen om mij te bevrijden.’ Ik stel haar gerust: ‘Je bent niet terminaal.’
Zij zegt met een lichaam vervallen en vaal: ‘Ik wil het zo graag en het liefst ook nog spoedig,’ zodat ik tenslotte, royaal en grootmoedig, de botoxbehandeling voor haar betaal.
Ze zweefden samen op het groen tapijt In onnavolgbaar sierlijke figuren Die zomeravonddans mocht uren duren Of zelfs tot aan het einde van de tijd
Ze wisselden geen woord en zelfs geen namen Bewogen slechts als door een draad geleid Een feest van elegante wendbaarheid Totdat ze neus aan neus tot stilstand kwamen
Toen kwamen ze dan toch nog aan de weet Dat hij zich Stihl noemt, zij Husqvarna heet
ze praten heel de dag, het kakelt maar ik vraag me af van waar de woorden komen en of ze echt de ander willen horen de stilte maakt hen angstig zonder meer
ze vinden die geslotene maar raar die rustig zit te werken of te dromen maar ondertussen vreest voor beide oren een groot verlangen naar de isoleer
het is een diep elkaar maar niet begrijpen een wonder dat ik toch vooruitgang boek ik hou me kranig tussen luid getok
ik zal nu gaan en in mijn handjes knijpen met meer ervaring naar iets nieuws op zoek ik vlieg nu uit, na twee jaar kippenhok
Volhard: slechts zo wordt nectarzoet verworven Door dolor et laborum zal men slagen Voor summum bonum uit des apis' korven Zal men de stimuli moeten verdragen
Het bovenstaande is een bombastisch rijm over een bekend spreekwoord, dat je vindt onder het plaatje
Gij zijt ertoe gebonden, mocht een roestbruintintig en listig carnivoor een homilie verkondigen betreffende Mattheüs, hoofdstuk zesentwintig, uw aandacht, pachter, voor uw pluimvee te vergrondigen.
Het bovenstaande is een bombastisch rijm over een bekend spreekwoord, dat je vindt onder het plaatje
Pinctada maakt een kostbaar kleinood van een korreltje siliciumoxide. Daar Sus domesticus hier niets mee kan geldt werpen richting hem als zeer stupide.
Het bovenstaande is een bombastisch rijm over een bekend spreekwoord, dat je vindt onder het plaatje
De krant laat zich vanmorgen niet ontvouwen Zij vindt het nieuws vandaag gewoon te erg: ‘Je moet mij heus in dezen maar vertrouwen Verhaal en beeld - het gaat door been en merg’
'Ik zie je morgen weer - verhalen zat! Dan lig ik met iets vrolijks op je mat'
De dwerg had een touw om zijn nek Hij hield van macabere grappen En fakete daar hoog aan het hek Voorgoed uit het leven te stappen
Het touw om de nek van de dwerg Was pikwerk uit een van de schappen Van Gamma uit Hillegersberg (Die bouwmarkt denkt na over stappen)
De nek van de dwerg met dat touw Dat mag ik bij deze verklappen Werd zwoel gemasseerd door de vrouw Waarmee hij die avond ging stappen
Remko Koplamp won met bovenstaande ‘Tripel’ de onlangs op het forum van Het vrije vers uitgeschreven afbakwedstrijd. Een van de belangrijkste kenmerken van de Tripel is het in de drie kwatrijnen terugkerende zelfde afsluitende rijmwoord met telkens een andere betekenis.
Een mosasaurus uit Maastricht Werd door zijn vrienden opgelicht Zijn geld, tot op de laatste cent Verdween zo in het sediment En door de lang verstreken tijd Staan zij nu bij hem in het Krijt
Ik ging naar Bommel om de brug te zien Heer Ollie was niet thuis of deed niet open Wel zag ik in de verte Joost nog lopen Een boodschapje bij Grootgrut doen misschien
Ik wist ineens niet waar ik me bevond Van Rommeldam dat hele roteind terug Wat had ik toch te zoeken bij die brug Ik twijfel zelfs of Nijhoff er ooit stond
Anita flirt met Jan en alleman Met, Gerard, Kurt, Maurice, en Amadeo Ignace, Andreas, Peter, Paul en Han Mathijs, Kornelis, Levi, Geert, Juan En Dennis, Ali, Claus, Janhein, Orfeo
Soms zoent ze openlijk met Thijs en Theo Of met Martijn, Mohammed, Sven en Twan Met Janus, Youri, Dieter, Willem, Cleo Servaas, Raymond, Sylvester, Sietse, Leo En met mijn broers Johannes, Stef en Stan
Mijn portie van haar gunstenspel is pover Van mij schrijft zij alleen maar huiswerk over
Mijn buurman had maar één intens verlangen: een warme avond met voldoende zon, zodat hij heerlijk barbecueën kon en met een ijskoud biertje rond kon hangen.
Zijn kolossale donkergroene ei kon alle soorten vis en vlees bereiden. Wie zó’n ding had, beleefde gouden tijden, is wat hij laatst beweerde tegen mij.
Toch is zo’n Big Green Egg niet wat ik wil. Ik vind het maar een dure modegrill.
Zij droeg een mand gevuld met etenswaar Haar blikken kon ik nauwelijks weerstaan Toen zij verdwenen was zocht ik me naar Zij droeg een mand gevuld met etenswaar En binnenin mij knapte er een snaar Die kreeftensoep! Hoe kwam zij daar nu aan? Zij droeg een mand gevuld met etenswaar Haar blikken kon ik nauwelijks weerstaan
Wie leent er nooit een auto van de zaak? Ik doe het enkel ’s nachts en in de schemer, dan ben ik niet een bron van leedvermaak, want ik werk voor een uitvaartondernemer.
Ik lach me dood nog voor ik het besterf Het Klaasfeest krijgt een nieuwe kleurencode Het pietenzwart gaat dit jaar uit de mode Er is een run op HEMA vingerverf
Ik lach me rot, ik hou het echt niet droog Kijk al die Pietjes paarse strepen trekken Ze kleuren zich met rood-geel-blauwe plekken Kijk daar, een groene klodder in je oog
Het maakt niets uit, uw Sint is kleurenblind De kleintjes worden vrolijk ongevraagd In stad en land, in wijken en in dorpen Tot zingen en tot springen uitgedaagd Aan heerschappij en knechtschap onderworpen Een Piet is altijd zwart, dat weet elk kind